Lords of Metal
Arrow Lords of Metal
Tommy Concrete: “Dat ik stil zit en ben betekent niet dat ik de behoefte heb om geïnformeerd te worden over de bruiloft/baby/operatie van jouw buren, broer, zus of achterneef.”

De Schotse muzikant Tommy Concrete, die ooit deel uitmaakte van het legendarische punk combo The Exploited,  heeft recentelijk zijn tweede album in de ‘Unrelaxed’ reeks uitgebracht en het is een indrukwekkend stuk metaal geworden, waarin hij onder andere de vooroordelen over mensen met neurodiversiteit aan de tand voelt. Als je wilt weten wat dat is en wat voor invloed het heeft op muziek maken en luisteren, lees dan vooral verder. We hebben een openhartig gesprek met deze multi-instrumentalist, waarin hij spreekt over autisme en waarin zijn fascinatie voor ons eigen Anneke van Giersbergen niet onder stoelen of banken gestoken wordt.
Bart Meijer Ι 12 mei 2020

Tommy, goedemorgen. Hoe gaat het met je en hoe wordt ‘Unrelaxed II’ tot nu toe ontvangen?
Hoi Bart, het gaat wel goed met mij. Ik zit met de huidige lockdown een beetje op een rare plek op dit moment, wat voor mij en veel anderen een ongewone situatie is. Het vreemde is dat ik mijn hele leven lang een grote angst voor globale pandemiën heb gehad. Ik heb ook vele paniekaanvallen gehad toen de longpest, sars, ebola, de vogelgriep en de gekke koeienziekte op het nieuws verschenen en weer gingen. Nu ik mezelf in de waarheid van mijn angst vind ben ik merkwaardig gevoelloos. Als dit straks voorbij is heb ik denk ik een nieuwe fobie nodig.

‘Unrelaxed II’ wordt tot nu toe erg goed ontvangen. Niet alleen met recensies, die allemaal erg positief zijn, maar ook omdat het echt aansluit bij de luisteraars, meer dan wat ik hiervoor heb gedaan. Dat is geweldig, omdat één van de thema’s op dit album het uitdagen van vooroordelen over neurodiversiteit is. Één van die vooroordelen is dat wij autisten niet kunnen of willen aansluiten met anderen op een emotioneel vlak. Dit wordt door zowel autisten als niet-autisten ervaren, dus het is goed om hiermee het idee van “ons tegen hen” te ontkrachten.

Ik had het over je met een collega gisteren, maar hij had geen idee waar ik het over had. Als je jezelf in drie tot vijf zinnen moet introduceren, wat zou je dan zeggen?
Dit is een moeilijke vraag voor mij. Misschien als ik twintig jaar terug in de tijd kon en mijn ego nog een supernova was zou ik je een paar pagina’s over mezelf kunnen vertellen. Het is een stuk moeilijker nu het leven en ervaring op een niet zo genadige manier wat nederigheid in mij geslagen hebben. Ik zou zeggen dat ik een compromisloze ondergrondse ben die al zijn hele leven muziek maakt. Mijn muziek is meer mij dan ikzelf ben en het enige dat ik ben is een catalysator van vlees die moet bestaan zodat de muziek kan ontsnappen. Misschien is dit wel een moeilijke vraag omdat ik oprecht niet weet hoe ik hem moet beantwoorden. Ik vraag mezelf dit elke keer als ik iets creëer, en de albums zijn dan het antwoord dat ik mezelf geef. Iedereen is welkom ernaar te luisteren en er een betekenis aan vast te knopen.

Het beginnummer ‘Burn’t Out From Masking’ is een waanzinnige rit. Het klinkt als totale chaos de eerste keer, maar verandert dan in iets geniaals. Is dit een reflectie van wat er in jouw hoofd omgaat?
Het korte antwoord is: ja! Het ging niet goed met me toen ik dit opnam, maar creativiteit is een wonderlijke manier om de negativiteit van het leven te nemen en er kunst van te maken die een positief, opbeurend effect op mensen kan hebben. De orde die ontstaat uit de chaos in dit nummer is uiteraard de precieze metafoor van wat ik uit wilde beelden. Ik woonde destijds in Glasgow en had bijzonder veel heimwee naar Edinburgh. Ik werkte op een kostschool met erg moeilijke, jonge mensen en de dagelijkse waanzin die daar plaatsvond bracht me naar mijn emotionele limiet toe.

Een oude vriend van mij was ook pas overleden op een afgrijselijke en traumatiserende manier en wat uiteindelijk de druppel was, was dat mijn auto overleed op de snelweg en er daardoor een enorme file ontstond tijdens het spitsuur. Ik hield me wel sterk de uren dat het duurde voor mijn auto om gesleept te worden en ik naar huis toe kon. Ik ben achter mijn computer gaan zitten en binnen drie uur van hyper-focus schreef ik het nummer en nam ik het op. Bijna hetzelfde als dat hij op het album staat. Ik vind jouw omschrijving als een reflectie van wat er in mijn hoofd omgaat beter dan bijvoorbeeld emotionele zuivering, omdat wat ik doe nooit echt tot zuivering leidt. Soms moet ik een nummer schrijven over hoe ik me voel, om te begrijpen hoe ik me voel. Emoties vind ik moeilijk navigeerbaar en uit te drukken. Een zuivering zou betekenen dat de artiest al wist wat hij wilde zeggen nog voor hij het zei. Daarom vind ik het geen goede omschrijving van hoe ik negatief in positief omzet. Ik heb geen idee hoe mijn muziek zal klinken als ik het maak. Soms is het resultaat verschrikkelijk en het is altijd een verrassing.

Toen ik de muziek voor ‘Burn’t Out From Masking’ af had was het duidelijk, via het psychologische proces van het uitkotsen als kunst, dat ik daadwerkelijk doorgebrand was door de dagelijkse vermomming. Hierdoor kwam ik met de tekst. Voor wie het niet kent, masking is een term die ik heb geleerd van de neuro-diverse gemeenschap. Het beschrijft de dingen die wij doen om onze natuurlijke, neuro-diversie te verbergen. Niet per sé om er bij te horen, maar om negatieve reacties in situaties waarin wij normaal bevooroordeeld worden te voorkomen. Persoonlijk maskeer ik alleen mijn tourettes-syndroom, waardoor ik gezichts- en lichaamstics heb, evenals willekeurig geschreeuwde statements die vaak absurd en beledigend zijn voor “normale mensen”. Ik heb dit onder controle, maar het is erg vermoeiend. Het ergste is dat de echte, natuurlijke ik als beledigend, kapot en/of verkeerd wordt gezien door de maatschappij, en dat het een betere uitkomst biedt als ik mijn eigen ik verloochen en me aanpas dan wanneer ik ontspan en mezelf ben. Veel neuro-diverse mensen zijn gepest. Ik persoonlijk niet vanwege mijn autisme, maar wel omdat ik me niet conformeerde aan de mode en grillen van de dag en mensen denken dat ik niet doorheb dat die dingen iets zijn. Daarom vermommen veel mensen nog steeds hun ware ik en leren we wat onzin over voetbal of zo, kleden we ons zoals anderen dat doen ook als dat niet is wie we zijn en zorgen we ervoor dat we er eigenlijk hetzelfde uitzien als iedereen. Op jonge leeftijd om pesten te voorkomen en later om gewoon kans te maken op een baan. Ik realiseerde me op het moment dat ik dit nummer af had dat ik niet in staat was om om te gaan met de eindeloze stress die ik te verduren heb. Niet zo zeer vanwege het soort stress, maar omdat ik te druk was mijn mentale energie te gebruiken om mijn eigen situatie te vermommen.

Zonder dat ik te veel wil vergelijken hoor ik hier en daar wat Ministry in jouw muziek. Daardoor vraag ik me af waar een multi-instrumentalist als jij zelf graag naar luistert.
‘Burn’t Out From Masking’ klinkt inderdaad wel wat naar Ministry. Dankjewel. Er is een stukje Ministry in mijn werk, voornamelijk in ‘King Of The Four Strings’ van mijn album ‘The Necromancer’. Alhoewel het niet een band is waar ik heel veel naar luister hebben ze een diepe, blijvende indruk gemaakt op mij halverwege de jaren negentig toen ik een remix album van hun had en herhaaldelijk naar de extended mixes van ‘Just One Fix’ en ‘Jesus Built My Hotrod’ luisterde. Wat andere industriële muziek betreft ben ik nooit echt heel diep gegaan, maar heb ik er mijn hele leven wel wat mee geklooid. Om te beginnen met ‘Metal Dance’ door SPK in de tachtiger jaren en in de jaren negentig met ‘Pandemonium’ van Killing Joke, wat wel degelijk één van mijn sleutelinvloeden is.

Hoe het mijn eigen muziek beïnvloedt, dat gaat heel natuurlijk. Tijdens het componeren en opnemen op de computer is het soms een gevecht tegen de technologie om dingen niet te machine-achtig te laten klinken. Dit is op zijn best een moeilijke strijd die de artiest bijna altijd verliest, dus ik vind het belangrijk die momenten te omarmen en de machine toe te laten in de muziek. Dit geeft een veel beter resultaat dan wanneer je dat niet doet en vandaar dus de Ministry feel die mijn muziek soms heeft.

Waar ik zelf naar luister is met name alles waar Anneke van Giersbergen aan meedoet, wat naast haar solowerk The Gathering, The Gentle Storm, Vuur, Ayreon en de samenwerkingen die ze met Devin Townsend heeft gedaan is, en dan nog een miljoen projecten. Ze is een fenomenale zangeres en een ongelofelijk creatieve kracht die het vermogen heeft om door projecten heen te draaien en stijlen en genres rokend achter zich laat. Een enorme inspiratie voor mij tijdens het schrijven van ‘Unrelaxed II’.

Als het gaat om wat ik wilde bereiken en uitdrukken met dit album was ‘Mandylion’ van The Gathering het constante referentiepunt voor mij. Die mix van doom, goth en zoveel anders maakte het een mijlpaal in het genre en één van de titanen van de jaren negentig. Ik denk dat Anneke op ‘Mandylion’ één van de beste vocale optredens laat horen dan op welk album wanneer dan ook. Alleen Lisa Gerrard komt in de buurt op ‘Within The Realm Of A Dying Sun’ door Dead Can Dance. Verder luister ik graag naar Ihsahn, Amorphis, Frank Marino en Khonsu, wiens album ‘The Xun Protectorate’ voor mij het beste album van het afgelopen decennia was. Mijn favoriete band ooit is Motörhead en alhoewel mijn solowerk niet bepaald als hun klinkt heeft mijn liveband Tommy Concrete And The Werewolves wel degelijk een Motörhead randje. En daar zijn we trots op.

Naarmate de nummers voorbij gaan klinkt er steeds meer orde door in de muziek. Het voelt alsof dit expres gedaan is.
Ja, zeker weten. Toen ik bedacht dat ik de ‘Unrelaxed’ albums wilde gaan doen was mijn eerste idee om het eerste album te laten klinken als het eerste dat je zou opzetten bij een heftige set en dat ‘Unrelaxed II’ het laatste album op zo’n avond zou zijn. Ik heb dat volgens mij juist ingeschat want als ik de streaming statistieken bekijk wordt ‘Unrelaxed II’ vooral rond zes uur ’s ochtends gespeeld. ‘Unrelaxed’ was gestructureerd zodat elk nummer steeds vreemder en meer uitdagend werd, alsof de LSD steeds harder begint te werken. Het begint met ‘Simulating Your Own Demise’, een soort Motörhead/Metallica nummer en eindigt met ‘Not Ready For Society’ dat alleen maar koren, sequencers en epische, nachtmerrie-landschappen is.

In tegenstelling begint ‘Unrelaxed II’ helemaal manisch en wordt dat langzaamaan relaxter, alsof de luisteraar om zes uur ’s ochtends een tablet valium heeft genomen om zichzelf weer rechtop te krijgen nadat hij de avond daarvoor rond acht uur was begonnen met speed en LSD en ‘Unrelaxed’. Metaforisch natuurlijk. Dit idee ontstaat als je naar beide albums als een geheel kijkt en het idee hebt dat het de luisteraar van A naar B moet nemen in een directe tocht. Veel van de ideeën zijn ontstaan door te luisteren naar trance en techno, waarin iedere track je één stap verder brengt naar waar je naartoe gaat. In termen van drugs zijn albums of energie-gevend of kalmerend. ‘Unrelaxed’ geeft energie en ‘Unrelaxed II’ kalmeert. Natuurlijk is de reis niet precies hetzelfde als die van dansmuziek maar ik heb daar wel een boel inspiratie uit gehaald. Ik heb de nummers ‘Here Is There’ en ‘Sanist’ opgenomen specifiek voor op de plekken op het album waarop ze staan. Een uitdaging, maar volgens mij werkt het prima zo.

Met dat in gedachte wordt een titel zoals ‘Unrelaxed II’ ineens heel betekenisvol. Kun je dit uitleggen?
Ik hou van tegenstellingen en nevenschikkingen. Mijn muziek zit er vol mee en het woord Unrelaxed werd ineens de perfecte titel. Het verhaal begint in de jaren tachtig met een Engelse cabaretier, Roy Jay. Één van zijn slogans was “Weird, slither, unrelaxed“. Om eerlijk te zijn was hij niet heel grappig en ik was geen fan toen ik nog jong was, maar hij bleef me wel altijd bij. Toen ik een paar jaar geleden begon met het schrijven van wat de ‘Unrelaxed’ reeks zou worden verscheen Roy Jay weer op de radar terwijl we over de jaren tachtig praatten en zijn [url=https://www.youtube.com/watch?v=Q8LBJJVnyB4]reclame voor Schweppes[/url] besproken werd. Ineens zag ik hem vanuit een andere invalshoek, zoals vaker gebeurt wanneer je iets, waar je als kind naar keek, bekijkt als je volwassen bent. Jay deed een schets van een gewoon persoon die ver weg was maar toch de mainstream, conservatieve gezinnen aansprak. Maar eigenlijk was Jay totaal van de kaart en deed hij alsof hij normaal was en dan alsof hij high was. Als een volwassene zag ik daar de humor wel van in en ik applaudiseerde hem daar achteraf ook voor. Dit paste ook goed bij mijn album, omdat dit ook een vorm van masking is. Ik heb wat onderzoek gedaan en toen de donkere kant van Roy Jay aan het licht kwam was dat ook het einde van zijn carrière. Bij toeval werd ‘Unrelaxed’ de werktitel van deze albums, maar het bleef hangen en mensen hier begonnen de term te gebruiken voor iemand die er helemaal weg van is en doet alsof dat niet zo is en daar op één of andere manier mee weg komt. Het werd het woord van het moment en toen ik een titel voor de albums moest kiezen was er geen manier waarop ik een andere titel dan dit had kunnen kiezen.

Mijn vriend Chris, waarmee ik in Jackal-Headed Guard Of The Dead heb gespeeld, en die beter bekend is als Disco Beast op Instagram, deed het artwork voor ‘Unrelaxed II’ en tekende eigenlijk gewoon een demonische versie van Roy Jay, wat perfect past bij dit project. Ik heb wel wat kritiek gekregen in dat sommige mensen zeggen dat het niet strookt met de muziek en dat er iets serieuzer en meer metal gebruikt had moeten worden, maar dat leek mij juist erg saai. Bovendien is er nu een mooie referentie naar de Killing Joke nar.

Persoonlijk maak ik nooit kunst die een vastgestelde waarde heeft. Ik geloof niet dat een nummer betekent wat een nummer betekent. De ware betekenis komt van de luisteraar af. Het is super interessant voor mij als artiest om van mensen te horen wat ze uit mijn muziek halen. Er zit zoveel verschil in hoe dingen worden geïnterpreteerd, het is fascinerend. Het woord Unrelaxed heeft voor velen een donkere, psychotische betekenis inzake manisch zijn en mentale instabiliteit, terwijl het door mij eigenlijk als iets humoristisch gekozen was. Dit confronteert me met mijn eigen psychoses en mentale instabiliteit en laat mij mezelf vragen of ik deze waarheid misschien niet voor mezelf verborg toen ik dit alles maakte.

Het is interessant wat je in je biografie zegt, dat het duidelijk was dat je hebt geleden, niet door je autisme maar meer van de reacties daarop. Zo te zien heb je geen probleem met autistisch zijn, maar andere mensen wel. Wat voor invloed heeft dat op jou?
Masking is een vorm van aangeleerde bekwaamheid. Het verandert, en niet ten goede, de structuur van wie je bent omdat het lijkt alsof je je conformeert aan een set regels die giftig zijn naar je eigen, authentieke, autistische identiteit toe. Toen ik nog maskde leek het voor mij alsof de echte ik het probleem was. Honderd procent van al mijn negatieve ervaring op het gebied van autisme hadden te maken met de vooroordelen die andere mensen daar over hebben. Vooroordelen en onwetendheid die ook onderdeel van mij waren geworden simpelweg door de negatieve blik op autisme die deze maatschappij heeft.

Kun je meer vertellen over het woord ableïsme?
Op dezelfde manier dat racisme een vooroordeel tegenover een ras is, is ableïsme een vooroodeel tegen iemand met een andere niveau van bekwaamheid. Het is wel grappig, want ik heb zelf niet het gevoel dat mijn autisme me onbekwaam maakt. Om heel eerlijk te zijn voel ik me eerder verbeterd. Misschien heeft dat met zelfvertrouwen te maken, of zelfs met ego. Maar ik heb echt niet het idee dat ik verhinderd ben door mijn neurotype. De wetgeving in het Verenigd Koninkrijk zegt echter wel dat een autist een handicap heeft. Hierdoor betaal ik meer voor mijn autoverzekering, heb ik moeite een levensverzekering af te sluiten en ben ik regelmatig onderdanig aan vrij vernederende medische en psychische tests, om vast te stellen of ik wel of niet kan werken. Uiteraard zijn er autisten die zich wel gehandicapt voelen, maar lang niet allemaal. En er zijn veel niet-autisten die belast worden door attributen die specifiek zijn aan hun niet-autisme. Dus op een vreemde manier is het concept van ableïsme ableïstisch, snap je?

Ik heb geen moeite met het handicap-gedeelte. Door jarenlange jiu-jitsu oefeningen heb ik bijvoorbeeld last in mijn gewrichten waardoor ik minder mobiel ben. Hierdoor zal ik waarschijnlijk ooit niet zonder hulp kunnen lopen. Als die dag komt dan is dat zo en heb ik daar geen probleem mee. Maar het idee dat er wordt gedacht dat ik intellectueel, psychiatrisch en psychisch niet in orde ben, gebaseerd op een negatief stereotype van mijn brein, dat is ableïsme. Het feit dat het wanneer ik hier anders op reageer dan dat ik het er helemaal mee eens ben betekent dat ik geen verzekering en werk kan vinden is helemeel ableïsme. Je hoeft geen handicap te hebben om hier last van te ondervinden.

Heeft autisme een invloed op hoe je muziek ervaart? En zo ja, hoe dan?
Voor mijn diagnose was voor mij al wel duidelijk dat ik een heel andere, meer intense relatie met muziek had dan veel andere mensen. Dat werd duidelijk toen ik twintig jaar geleden naar Edinburgh verhuisde. De mensen met wie ik toen omging bevonden zich met name in de dance scene. Ik sprak veel over muziek met hen maar ze hadden totaal geen respect voor metal. Als ik dan verder vroeg werd duidelijk dat ze er ook geen verstand van hadden. Ze konden geen enkele band opnoemen, niet eens klassiekers als Black Sabbath of Iron Maiden. Ik merkte dat hun afkeer vooral kwam door sociale redenen, gebaseerd op vooroordelen die mensen hebben over de sociale klasse van metal fans, hun uiterlijk en hun vermeende intelligentie. Niks was gebaseerd op een zintuigelijke reactie die ze hadden omdat ze naar de muziek hadden geluisterd. Ook als je dan vroeg waarom ze van de muziek hielden waar ze van hielden kwamen ze niet verder dan te zeggen omdat ze van de kledingstijl hielden, en dat mensen zo lekker dicht op elkaar stonden. Uiteraard zijn niet alle dance fans zoals dit, dit was gewoon de eerste keer dat ik in aanraking kwam met een grote groep mensen die totaal hun persoonlijke band met muziek niet konden beschrijven, behalve dan het sociale gebeuren eromheen.

Rond diezelfde tijd was ik vrienden met wat mensen die in een samba-band speelden. Voor mij is samba zonder dat ik overdrijf verachtelijk op alle mogelijke manieren. Maar toen ik met deze muzikanten sprak werd duidelijk dat ik samba op een veel diepere manier begreep dan zijzelf, ook al had ik er een hekel aan en vonden zij het geweldig. Ik besefte mij toen dat de zintuigelijke input die ik van muziek krijg wijder en gecompliceerder is dan die van de gemiddelde muzikant.

Na mijn diagnose ontdekte ik een naam voor dit gebeuren: synesthesie. Dit is als een prikkel door meerdere zintuigen tegelijk wordt beleefd. Bijvoorbeeld als je oranje ziet dat je ook oranje proeft. Wat ik specifiek heb heet chromathesia, waarmee geluiden kleuren voortbrengen. Jaren dacht ik dat iedereen dit ervoer. Dus ja, ik haal veel meer uit muziek. Soms als de muziek echt immens is kan ik niet eens meer zien vanwege alle kleuren. Het maakt goede muziek beter en slechte muziek nog slechter. Het is wel riskant als ik zelf muziek maak, want als ik een levendig, oranje rood zie is dat een mooi afgestemde combinatie. Als ik dan een gitaar bespeel die toevallig die kleur heeft kan het de boel wel door de war gooien omdat ik dan denk dat het goed is afgestemd terwijl dat niet zo is. Maar het kan ook mijn optreden verbeteren en kleuren epischer maken. Misschien interessant om te weten, Billie Eilish ervaart ook synesthesie en Devin Townsend gebruikt zijn chromathesia terwijl hij componeert.

Een laatste vraag over dit onderwerp – en hopende dat jouw antwoorden helpen om deze zaken te destigmatiseren: sommige mensen denken dat ze zich anders moeten gedragen als ze met een neurodivers persoon te maken hebben. Wat vind je hiervan?
Ik zou willen dat ze dat deden, maar niet op de manier waarop zij denken. Persoonlijk zou ik willen dat iedereen er gewoon over ophield. Hou gewoon je mond erover. Stilte is niet een uitnodiging om de ruimte op te vullen met woorden. Geef je me nuttige informatie waar ik om heb gevraagd of die te maken heeft met iets waar ik in geïnteresseerd ben? Als het antwoord nee is dan hoef je het me niet te vertellen. Als je me een vraag stelt en je gaat het antwoord negeren of er overheen praten, vraag het dan niet.

Wat betreft de zojuist genoemde synergie, praten over koetjes en kalfjes geeft bij mij een onprettig grijze kleur en het laat me voelen alsof ik in teer aan het zinken ben. Wees gewoon stil. Dat ik stil zit en ben betekent niet dat ik de behoefte heb om geïnformeerd te worden over de bruiloft/baby/operatie van jouw buren, broer, zus of achterneef. Het is zeer waarschijnlijk dat ik op zo’n moment een complex Valhalla aan kleuren ervaar gebaseerd op mijn interpretatie van de realiteit, terwijl ik nadenk over het volgende album waar ik mee bezig ben. Of misschien doe ik wel mijn best om me te concentreren op de muziek die opstaat maar door niemand anders gehoord wordt. Wees stil, of beter nog, donder op! Ik ben echter meer dan gelukkig om met willekeurige mensen eindeloos te praten over Motörhead, Anneke van Giersbergen, de ontwikkeling van Japanse jiu jitsu in het Verenigd Koninkrijk na 1900, neurodiversiteit, Frank Marino & Mahogany Rush of de Ibanez TS9 Tube Screamer.

Wat ik opmerkelijk vond aan de biografie die je meestuurde was dat je The Exploited noemt, waar je gitaar voor hebt gespeeld. Opmerkelijk omdat je duidelijk een begenadigd muzikant bent. Ik vraag me af waarom artiesten vaak hun vorige bands noemen.
Ik was negen toen ‘Punks Not Dead’ van The Exploited uitkwam en kocht dat album vrijwel meteen. ‘Blown To Bits’ was het eerste nummer dat ik leerde spelen op de gitaar en dat album was het begin van mijn muzikale loopbaan. Dertig jaar later speelde ik in die band. Vlak voor we het podium opgingen voor mijn eerste optreden, in Polen, zet Wattie (zanger van The Exploited) een medley op van The Exploited’s ‘UK82’ en ‘Disorder’, door Slayer en Ice-T. Hij zegt tegen mij: “Die gasten spelen covers van de band waar jij nu in speelt, je zult het beter dan hen moeten gaan doen!” De daarop volgende minuten onderging ik in mijn hoofd een intense, persoonlijke tocht voor ik het podium op ga om een festival te headlinen, voor duizenden punks, gitaar te spelen in de band waarvan ik het geleerd heb, en het beter moet doen dan alle artiesten die ik op mijn been getatoeëerd heb! Dat moment veranderde me voor altijd als mens en muzikant. Als je dat weet, dan is het alleen maar logisch dat ik The Exploited noem in mijn biografie. Totdat mijn solowerk dat van hen overtreft zal ik mijn kleine plek in hun legendarische nalatenschap blijven noemen.

Bryan Ramage produceerde niet alleen ‘Unrelaxed II’, hij programmeerde ook de drums. Normaalgesproken zijn geprogrammeerde drums nogal een taboe in de metal scene – alhoewel voor mij Doktor Avalanche dit acceptabel maakte. Waarom bespeel je meerdere instrumenten, maar niet de drums?
Toen ik begon met muziek maken in 1987 had ik geen drummer of oefenruimte, maar wel toegang tot de verzameling Roland drum machines en een Fostex Four Track recorder van mijn broer. Ik speel inderdaad geen drums, maar ik heb wel meer dan dertig jaar ervaring met het gebruik van drumcomputers waarmee ik beats en ritmes maak. Als mensen drumcomputers geen metal vinden dan ben ik bereid toe te geven dat ik geen metal speel. Genres ontstaan meer nadat de muziek is ontstaan, ik denk niet bij voorbaat al dat ik een bepaald genre wil spelen. Dat is het tegenovergestelde van de creativiteit die ik wil omarmen. Ik maak me niet druk over enig taboe dat door bepaalde metalheads de wereld in wordt geroepen, metalheads met een imbeciel vooroordeel over het gebruik van de juiste instrumenten.

Een aantal van mijn soloalbums hebben live drums. Op ‘The Wizards Bones’, ‘Emperor Of The Moon’ en ‘The Necromancer’ speelt Mike Sowerby van The Last People On Earth de drums, en op mijn EP ‘Trawler Tales’ doet Paddy Tobin dat. Toevallig hebben wij met zijn drieën een psychedelische proto metalband gehad, Doomlord, waarmee we wat van mijn favoriete muziek ooit speelden. Met Tommy Concrete And The Werewolves hebben we Michael Branagh (ex Warrior Soul) op drums. Het is allemaal afhankelijk van welk sonisch palet ik het best bij de muziek vind passen. Het album waar ik nu aan werk is weer old school, geen computers, maar een oude Roland TR-626 die ik van mijn vriend Graham Young heb gekregen. Hij is eigenaar van de Chamber Studios in Edinburgh.

Vertel eens iets meer over Millie, en ook waar de dode vogel uiteindelijk is beland.
Okay, voor wie het niet weet: op de cd van ‘Unrelaxed II’ staat een foto van een kat met een dode vogel in zijn bek geprint. In het boekje staat dit omschreven als: “Millie met de vogel die ze doodde terwijl wij de vocalen opnamen.” Millie is de kat van Bryan Ramage, die het album produceerde. Samen met Molly zijn dat zijn twee studiokatten. De studio ligt in het buitengebied van Edinburgh en beide katten zijn zo goed als wild. Elke dag dat we met de vocalen bezig waren kwam Millie de studio ingelopen om te laten zien dat zij de baas was. Vaker wel dan niet bracht ze dan een cadeautje mee, zoals katten dat doen. Dat was altijd een dier dat ze geslacht had. Gedurende de opnames van ‘Unrelaxed II’ heeft er een ware massamoord van vogels, muizen en konijnen plaatsgevonden. Er was zelfs een mislukte poging om een fazant naar de deur van de studio te slepen. Het was een ongebruikelijke situatie. Het opnemen van de zang is een erg emotioneel gebeuren voor mij en stond in schril contrast tot de genadeloze slachtpartij die Millie hield onder de lokale dierenpopulatie. Ik werd beïnvloed door dit fenomeen en wilde de arme wezentjes die in Millie en Molly’s “Kill Zone” kwamen eren. Ook hing er buiten de voordeur een wespennest! In het nummer ‘Just Let Me Last Today’ is een zin “I’m synchronised with beasts”, die staat voor de diepe band die ik met mijn eigen katten, Luci, Rousey en Revan heb. De dag dat ik dat zong bracht Millie ons de vogel die je op de cd ziet. Het leek me gepast om de arme diertjes niet alleen te eren maar er ook een betekenis aan te geven.

Het is waarschijnlijk onmogelijk om met jezelf te jammen, dus hoe ontstaan de nummers die jij speelt?
Ik neem mezelf op met de telefoon als ik jam en doe korte stukjes bij elkaar. Als ik genoeg heb voor een nummer dan neem ik het op en jam daar nog eens op door. Enzovoorts. Ik beeld me in dat het hetzelfde proces is als een samurai zwaard maken. Hameren tot het zijn volledige lengte heeft bereikt, dan vouw je het dubbel en hamer je het weer uit en dat doe je dan een keer of tweehonderd. Als dat gebeurd is neem ik het op met Cubase (software) en voeg er instrumenten en zang bij totdat het klaar is. Uiteindelijk neem ik het mee naar Ramage in zijn studio en nemen we het geheel voor de laatste keer op.

Er zijn ook leden van King Witch met dit album gemoeid. Waar ken je die van?
Ik ken Laura en Jamie echt al jaren. Ik herinner me een show die ik speelde in Glasgow met mijn toenmalige band Man Of The Hour, zestien jaar geleden. Zij zaten in één van hun eerste bandjes en waren eigenlijk nog kinderen, en ze speelden als ik het me goed herinner een cover van Guns ‘N Roses. Het klonk een beetje onsamenhangend, maar de stem van Laura verlamde me bijna! Ik wist toen dat als er maar een sprankje gerechtigheid in de wereld was zij eens tot de groten zou behoren. En ik had gelijk. Het was een genot om hun toenmalige band Firebrand Superrock steeds beter te zien worden, ze met Slayer te zien optreden en andere grote dingen doen. Toen dat eindigde en ze King Witch werden, een paar jaar geleden, vormde ze zich echt tot één van absolute topstemmen in de doom metal. Jamie’s gitaarspel is ook gewoon overweldigend.

Ze waren beide fan van de bands waar ik in heb gespeeld en over de jaren en aardig wat biertjes hebben we het er over gehad samen een nummer te doen. De eerste samenwerking was toen Jamie mijn album ‘The Necromancer’ masterde en me wat essentiële mix tips gaf. Het kwam ook door hen dat ik met Ramage in aanraking kwam om de ‘Unrelaxed’ albums te produceren, aangezien hij heel goed werk had verricht met één van de Firebrand Superrock albums. In elk geval, toen ik Anneke van Giersbergen hoorde zingen op ‘Amongst Stars’ van Amorphis had ik een, wat ik het best kan omschrijven als een buitenlichamelijke, bijna-religieuze ervaring, in combinatie met het eerder genoemde chromathesia en nog wat andere factoren. Toen ik mezelf van de grond had geschraapt wist ik dat het tijd was om Laura te bellen en het nummer te maken. Één van de beste keuzes die ik ooit gemaakt heb; het nummer dat ze zingt op ‘Navigating Hell’ is mijn mooiste moment. Het coolste van dertig jaar muzikant zijn is dat ik een heleboel fenomenale artiesten ken die ik mijn vrienden mag noemen. Het is een plezier en een eer.

Wat is het belang van een gastartiest mee laten doen op een album?
Dat verschilt. Voor een band, behalve dan de hele, hele zeldzame gevallen zoals de Anneke/Amorphis samenwerking, is dat meestal best een kutidee. We zouden bijvoorbeeld nooit een gast hebben op een Tommy Concrete And The Werewolves album. Aan de andere kant, als het werkt is het voor een solo artiest wel weer een heel goed idee. Naast Laura van King Witch heb ik aardig wat nummers waarin Jim Hodge van Mastiff ook de vocalen doet, en verschillende drummers en zo. Ik ben aardig veelzijdig als muzikant en kan een breed spectrum aan genres spelen, maar soms heb je iemand anders nodig om die sleur van MIJ MIJ MIJ MIJ te doorbreken die vaak in solowerk verschijnt.

Bedankt voor een geweldig album en voor dat je de tijd hebt genomen om dit interview te beantwoorden. Als je nog iets hebt toe te voegen…
Heel erg bedankt voor de vragen. Het was leuk en uitdagend om eens wat niet muziek-gerelateerde vragen te beantwoorden. Voor de lezers die zich graag nog willen verdiepen in de concepten rondom neurodivisie raad ik echt aan om Neuro Divergent Rebel op Twitter, Instagram en YouTube te volgen. Het is een grote inspiratie voor mijzelf en een perfect beginpunt voor mensen die de materie interessant vinden. Behalve dat, neem ook eens kijkje op mijn Bandcamp!

De groeten, en blijf sterk en helder!

Het is interessant wat je in je biografie zegt, dat het duidelijk was dat je hebt geleden, niet door je autisme maar meer van de reacties daarop. Zo te zien heb je geen probleem met autistisch zijn, maar andere mensen wel. Wat voor invloed heeft dat op jou?
Masking is een vorm van aangeleerde bekwaamheid. Het verandert, en niet ten goede, de structuur van wie je bent omdat het lijkt alsof je je conformeert aan een set regels die giftig zijn naar je eigen, authentieke, autistische identiteit toe. Toen ik nog maskde leek het voor mij alsof de echte ik het probleem was. Honderd procent van al mijn negatieve ervaring op het gebied van autisme hadden te maken met de vooroordelen die andere mensen daar over hebben. Vooroordelen en onwetendheid die ook onderdeel van mij waren geworden simpelweg door de negatieve blik op autisme die deze maatschappij heeft.

Kun je meer vertellen over het woord ableïsme?
Op dezelfde manier dat racisme een vooroordeel tegenover een ras is, is ableïsme een vooroodeel tegen iemand met een andere niveau van bekwaamheid. Het is wel grappig, want ik heb zelf niet het gevoel dat mijn autisme me onbekwaam maakt. Om heel eerlijk te zijn voel ik me eerder verbeterd. Misschien heeft dat met zelfvertrouwen te maken, of zelfs met ego. Maar ik heb echt niet het idee dat ik verhinderd ben door mijn neurotype. De wetgeving in het Verenigd Koninkrijk zegt echter wel dat een autist een handicap heeft. Hierdoor betaal ik meer voor mijn autoverzekering, heb ik moeite een levensverzekering af te sluiten en ben ik regelmatig onderdanig aan vrij vernederende medische en psychische tests, om vast te stellen of ik wel of niet kan werken. Uiteraard zijn er autisten die zich wel gehandicapt voelen, maar lang niet allemaal. En er zijn veel niet-autisten die belast worden door attributen die specifiek zijn aan hun niet-autisme. Dus op een vreemde manier is het concept van ableïsme ableïstisch, snap je?

Ik heb geen moeite met het handicap-gedeelte. Door jarenlange jiu-jitsu oefeningen heb ik bijvoorbeeld last in mijn gewrichten waardoor ik minder mobiel ben. Hierdoor zal ik waarschijnlijk ooit niet zonder hulp kunnen lopen. Als die dag komt dan is dat zo en heb ik daar geen probleem mee. Maar het idee dat er wordt gedacht dat ik intellectueel, psychiatrisch en psychisch niet in orde ben, gebaseerd op een negatief stereotype van mijn brein, dat is ableïsme. Het feit dat het wanneer ik hier anders op reageer dan dat ik het er helemaal mee eens ben betekent dat ik geen verzekering en werk kan vinden is helemeel ableïsme. Je hoeft geen handicap te hebben om hier last van te ondervinden.

Heeft autisme een invloed op hoe je muziek ervaart? En zo ja, hoe dan?
Voor mijn diagnose was voor mij al wel duidelijk dat ik een heel andere, meer intense relatie met muziek had dan veel andere mensen. Dat werd duidelijk toen ik twintig jaar geleden naar Edinburgh verhuisde. De mensen met wie ik toen omging bevonden zich met name in de dance scene. Ik sprak veel over muziek met hen maar ze hadden totaal geen respect voor metal. Als ik dan verder vroeg werd duidelijk dat ze er ook geen verstand van hadden. Ze konden geen enkele band opnoemen, niet eens klassiekers als Black Sabbath of Iron Maiden. Ik merkte dat hun afkeer vooral kwam door sociale redenen, gebaseerd op vooroordelen die mensen hebben over de sociale klasse van metal fans, hun uiterlijk en hun vermeende intelligentie. Niks was gebaseerd op een zintuigelijke reactie die ze hadden omdat ze naar de muziek hadden geluisterd. Ook als je dan vroeg waarom ze van de muziek hielden waar ze van hielden kwamen ze niet verder dan te zeggen omdat ze van de kledingstijl hielden, en dat mensen zo lekker dicht op elkaar stonden. Uiteraard zijn niet alle dance fans zoals dit, dit was gewoon de eerste keer dat ik in aanraking kwam met een grote groep mensen die totaal hun persoonlijke band met muziek niet konden beschrijven, behalve dan het sociale gebeuren eromheen.

Rond diezelfde tijd was ik vrienden met wat mensen die in een samba-band speelden. Voor mij is samba zonder dat ik overdrijf verachtelijk op alle mogelijke manieren. Maar toen ik met deze muzikanten sprak werd duidelijk dat ik samba op een veel diepere manier begreep dan zijzelf, ook al had ik er een hekel aan en vonden zij het geweldig. Ik besefte mij toen dat de zintuigelijke input die ik van muziek krijg wijder en gecompliceerder is dan die van de gemiddelde muzikant.

Na mijn diagnose ontdekte ik een naam voor dit gebeuren: synesthesie. Dit is als een prikkel door meerdere zintuigen tegelijk wordt beleefd. Bijvoorbeeld als je oranje ziet dat je ook oranje proeft. Wat ik specifiek heb heet chromathesia, waarmee geluiden kleuren voortbrengen. Jaren dacht ik dat iedereen dit ervoer. Dus ja, ik haal veel meer uit muziek. Soms als de muziek echt immens is kan ik niet eens meer zien vanwege alle kleuren. Het maakt goede muziek beter en slechte muziek nog slechter. Het is wel riskant als ik zelf muziek maak, want als ik een levendig, oranje rood zie is dat een mooi afgestemde combinatie. Als ik dan een gitaar bespeel die toevallig die kleur heeft kan het de boel wel door de war gooien omdat ik dan denk dat het goed is afgestemd terwijl dat niet zo is. Maar het kan ook mijn optreden verbeteren en kleuren epischer maken. Misschien interessant om te weten, Billie Eilish ervaart ook synesthesie en Devin Townsend gebruikt zijn chromathesia terwijl hij componeert.

Een laatste vraag over dit onderwerp – en hopende dat jouw antwoorden helpen om deze zaken te destigmatiseren: sommige mensen denken dat ze zich anders moeten gedragen als ze met een neurodivers persoon te maken hebben. Wat vind je hiervan?

Ik zou willen dat ze dat deden, maar niet op de manier waarop zij denken. Persoonlijk zou ik willen dat iedereen er gewoon over ophield. Hou gewoon je mond erover. Stilte is niet een uitnodiging om de ruimte op te vullen met woorden. Geef je me nuttige informatie waar ik om heb gevraagd of die te maken heeft met iets waar ik in geïnteresseerd ben? Als het antwoord nee is dan hoef je het me niet te vertellen. Als je me een vraag stelt en je gaat het antwoord negeren of er overheen praten, vraag het dan niet.

Wat betreft de zojuist genoemde synesthesie, praten over koetjes en kalfjes geeft bij mij een onprettig grijze kleur en het laat me voelen alsof ik in teer aan het zinken ben. Wees gewoon stil. Dat ik stil zit en ben betekent niet dat ik de behoefte heb om geïnformeerd te worden over de bruiloft/baby/operatie van jouw buren, broer, zus of achterneef. Het is zeer waarschijnlijk dat ik op zo’n moment een complex Valhalla aan kleuren ervaar gebaseerd op mijn interpretatie van de realiteit, terwijl ik nadenk over het volgende album waar ik mee bezig ben. Of misschien doe ik wel mijn best om me te concentreren op de muziek die opstaat maar door niemand anders gehoord wordt. Wees stil, of beter nog, donder op! Ik ben echter meer dan gelukkig om met willekeurige mensen eindeloos te praten over Motörhead, Anneke van Giersbergen, de ontwikkeling van Japanse jiu jitsu in het Verenigd Koninkrijk na 1900, neurodiversiteit, Frank Marino & Mahogany Rush of de Ibanez TS9 Tube Screamer.

Wat ik opmerkelijk vond aan de biografie die je meestuurde was dat je The Exploited noemt, waar je gitaar voor hebt gespeeld. Opmerkelijk omdat je duidelijk een begenadigd muzikant bent. Ik vraag me af waarom artiesten vaak hun vorige bands noemen.
Ik was negen toen ‘Punks Not Dead’ van The Exploited uitkwam en kocht dat album vrijwel meteen. ‘Blown To Bits’ was het eerste nummer dat ik leerde spelen op de gitaar en dat album was het begin van mijn muzikale loopbaan. Dertig jaar later speelde ik in die band. Vlak voor we het podium opgingen voor mijn eerste optreden, in Polen, zet Wattie (zanger van The Exploited) een medley op van The Exploited’s ‘UK82’ en ‘Disorder’, door Slayer en Ice-T. Hij zegt tegen mij: “Die gasten spelen covers van de band waar jij nu in speelt, je zult het beter dan hen moeten gaan doen!” De daarop volgende minuten onderging ik in mijn hoofd een intense, persoonlijke tocht voor ik het podium op ga om een festival te headlinen, voor duizenden punks, gitaar te spelen in de band waarvan ik het geleerd heb, en het beter moet doen dan alle artiesten die ik op mijn been getatoeëerd heb! Dat moment veranderde me voor altijd als mens en muzikant. Als je dat weet, dan is het alleen maar logisch dat ik The Exploited noem in mijn biografie. Totdat mijn solowerk dat van hen overtreft zal ik mijn kleine plek in hun legendarische nalatenschap blijven noemen.

Bryan Ramage produceerde niet alleen ‘Unrelaxed II’, hij programmeerde ook de drums. Normaalgesproken zijn geprogrammeerde drums nogal een taboe in de metal scene – alhoewel voor mij Doktor Avalanche dit acceptabel maakte. Waarom bespeel je meerdere instrumenten, maar niet de drums?
Toen ik begon met muziek maken in 1987 had ik geen drummer of oefenruimte, maar wel toegang tot de verzameling Roland drum machines en een Fostex Four Track recorder van mijn broer. Ik speel inderdaad geen drums, maar ik heb wel meer dan dertig jaar ervaring met het gebruik van drumcomputers waarmee ik beats en ritmes maak. Als mensen drumcomputers geen metal vinden dan ben ik bereid toe te geven dat ik geen metal speel. Genres ontstaan meer nadat de muziek is ontstaan, ik denk niet bij voorbaat al dat ik een bepaald genre wil spelen. Dat is het tegenovergestelde van de creativiteit die ik wil omarmen. Ik maak me niet druk over enig taboe dat door bepaalde metalheads de wereld in wordt geroepen, metalheads met een imbeciel vooroordeel over het gebruik van de juiste instrumenten.

Een aantal van mijn soloalbums hebben live drums. Op ‘The Wizards Bones’, ‘Emperor Of The Moon’ en ‘The Necromancer’ speelt Mike Sowerby van The Last People On Earth de drums, en op mijn EP ‘Trawler Tales’ doet Paddy Tobin dat. Toevallig hebben wij met zijn drieën een psychedelische proto metalband gehad, Doomlord, waarmee we wat van mijn favoriete muziek ooit speelden. Met Tommy Concrete And The Werewolves hebben we Michael Branagh (ex Warrior Soul) op drums. Het is allemaal afhankelijk van welk sonisch palet ik het best bij de muziek vind passen. Het album waar ik nu aan werk is weer old school, geen computers, maar een oude Roland TR-626 die ik van mijn vriend Graham Young heb gekregen. Hij is eigenaar van de Chamber Studios in Edinburgh.

Vertel eens iets meer over Millie, en ook waar de dode vogel uiteindelijk is beland.
Okay, voor wie het niet weet: op de cd van ‘Unrelaxed II’ staat een foto van een kat met een dode vogel in zijn bek geprint. In het boekje staat dit omschreven als: “Millie met de vogel die ze doodde terwijl wij de vocalen opnamen.” Millie is de kat van Bryan Ramage, die het album produceerde. Samen met Molly zijn dat zijn twee studiokatten. De studio ligt in het buitengebied van Edinburgh en beide katten zijn zo goed als wild. Elke dag dat we met de vocalen bezig waren kwam Millie de studio ingelopen om te laten zien dat zij de baas was. Vaker wel dan niet bracht ze dan een cadeautje mee, zoals katten dat doen. Dat was altijd een dier dat ze geslacht had. Gedurende de opnames van ‘Unrelaxed II’ heeft er een ware massamoord van vogels, muizen en konijnen plaatsgevonden. Er was zelfs een mislukte poging om een fazant naar de deur van de studio te slepen. Het was een ongebruikelijke situatie. Het opnemen van de zang is een erg emotioneel gebeuren voor mij en stond in schril contrast tot de genadeloze slachtpartij die Millie hield onder de lokale dierenpopulatie. Ik werd beïnvloed door dit fenomeen en wilde de arme wezentjes die in Millie en Molly’s “Kill Zone” kwamen eren. Ook hing er buiten de voordeur een wespennest! In het nummer ‘Just Let Me Last Today’ is een zin “I’m synchronised with beasts”, die staat voor de diepe band die ik met mijn eigen katten, Luci, Rousey en Revan heb. De dag dat ik dat zong bracht Millie ons de vogel die je op de cd ziet. Het leek me gepast om de arme diertjes niet alleen te eren maar er ook een betekenis aan te geven.

Het is waarschijnlijk onmogelijk om met jezelf te jammen, dus hoe ontstaan de nummers die jij speelt?
Ik neem mezelf op met de telefoon als ik jam en doe korte stukjes bij elkaar. Als ik genoeg heb voor een nummer dan neem ik het op en jam daar nog eens op door. Enzovoorts. Ik beeld me in dat het hetzelfde proces is als een samurai zwaard maken. Hameren tot het zijn volledige lengte heeft bereikt, dan vouw je het dubbel en hamer je het weer uit en dat doe je dan een keer of tweehonderd. Als dat gebeurd is neem ik het op met Cubase (software) en voeg er instrumenten en zang bij totdat het klaar is. Uiteindelijk neem ik het mee naar Ramage in zijn studio en nemen we het geheel voor de laatste keer op.

Er zijn ook leden van King Witch met dit album gemoeid. Waar ken je die van?
Ik ken Laura en Jamie echt al jaren. Ik herinner me een show die ik speelde in Glasgow met mijn toenmalige band Man Of The Hour, zestien jaar geleden. Zij zaten in één van hun eerste bandjes en waren eigenlijk nog kinderen, en ze speelden als ik het me goed herinner een cover van Guns ‘N Roses. Het klonk een beetje onsamenhangend, maar de stem van Laura verlamde me bijna! Ik wist toen dat als er maar een sprankje gerechtigheid in de wereld was zij eens tot de groten zou behoren. En ik had gelijk. Het was een genot om hun toenmalige band Firebrand Superrock steeds beter te zien worden, ze met Slayer te zien optreden en andere grote dingen doen. Toen dat eindigde en ze King Witch werden, een paar jaar geleden, vormde ze zich echt tot één van absolute topstemmen in de doom metal. Jamie’s gitaarspel is ook gewoon overweldigend.

Ze waren beide fan van de bands waar ik in heb gespeeld en over de jaren en aardig wat biertjes hebben we het er over gehad samen een nummer te doen. De eerste samenwerking was toen Jamie mijn album ‘The Necromancer’ masterde en me wat essentiële mix tips gaf. Het kwam ook door hen dat ik met Ramage in aanraking kwam om de ‘Unrelaxed’ albums te produceren, aangezien hij heel goed werk had verricht met één van de Firebrand Superrock albums. In elk geval, toen ik Anneke van Giersbergen hoorde zingen op ‘Amongst Stars’ van Amorphis had ik een, wat ik het best kan omschrijven als een buitenlichamelijke, bijna-religieuze ervaring, in combinatie met het eerder genoemde chromathesia en nog wat andere factoren. Toen ik mezelf van de grond had geschraapt wist ik dat het tijd was om Laura te bellen en het nummer te maken. Één van de beste keuzes die ik ooit gemaakt heb; het nummer dat ze zingt op ‘Navigating Hell’ is mijn mooiste moment. Het coolste van dertig jaar muzikant zijn is dat ik een heleboel fenomenale artiesten ken die ik mijn vrienden mag noemen. Het is een plezier en een eer.

Wat is het belang van een gastartiest mee laten doen op een album?
Dat verschilt. Voor een band, behalve dan de hele, hele zeldzame gevallen zoals de Anneke/Amorphis samenwerking, is dat meestal best een kutidee. We zouden bijvoorbeeld nooit een gast hebben op een Tommy Concrete And The Werewolves album. Aan de andere kant, als het werkt is het voor een solo artiest wel weer een heel goed idee. Naast Laura van King Witch heb ik aardig wat nummers waarin Jim Hodge van Mastiff ook de vocalen doet, en verschillende drummers en zo. Ik ben aardig veelzijdig als muzikant en kan een breed spectrum aan genres spelen, maar soms heb je iemand anders nodig om die sleur van MIJ MIJ MIJ MIJ te doorbreken die vaak in solowerk verschijnt.

Bedankt voor een geweldig album en voor dat je de tijd hebt genomen om dit interview te beantwoorden. Als je nog iets hebt toe te voegen…
Heel erg bedankt voor de vragen. Het was leuk en uitdagend om eens wat niet muziek-gerelateerde vragen te beantwoorden. Voor de lezers die zich graag nog willen verdiepen in de concepten rondom neurodivisie raad ik echt aan om Neuro Divergent Rebel op Twitter, Instagram en YouTube te volgen. Het is een grote inspiratie voor mijzelf en een perfect beginpunt voor mensen die de materie interessant vinden. Behalve dat, neem ook eens kijkje op mijn Bandcamp!

De groeten, en blijf sterk en helder!

Check de onderstaande socials voor meer informatie over deze band.