Planet Hunter – Soothsayer
Sharkhound Records
Release datum: 30 januari 2026
“Waar de bas zwaar en grommend van de fuzz en distortion de toon zet, de gitaar er dartel tussendoor jengelt en de drums als een metronoom strak de ritme aangeeft, daar zorgt zanger Ferris voor een bijna poppy, lichte finishing touch aan de verder vrij duistere, zompige heavy rock ”
Jan Simon Hoogschagen I 29 januari 2026
Op het eerste gehoor past Planet Hunter prima in het stereotiepe plaatje van Amerikaanse westkust stoner-grunge, met een geluid dat evenveel weg heeft van de heavier grunge à la Tad en the Melvins als van de Californische Palm Desert stoner van Fu Manchu en Kyuss. Een blik op de met het tweede album ‘Soothsayer’ meegeleverde info leert dat eerste indrukken niet altijd juist zijn. Planet Hunter blijkt afkomstig uit Wellington, Nieuw-Zeeland – of Aotearoa zoals je tegenwoordig ook mag zeggen.
Kort maar krachtig, dat is ‘Soothsayer’. Een slechts 28 minuten durende wervelwind van beukende en tegelijkertijd melodieuze riffs waarbij slechts sporadisch gas terug genomen wordt en de band en passant een nieuwe betekenis aan het begrip garagerock geeft. Kijk hiervoor vooral naar de clip van ‘1000 Years From Now. ‘Soothsayer’ grossiert in catchy songs die vooral dankzij de zang van Cormac Ferris ook vaag iets van Clutch weg hebben. Dit is voor wie een zadel op de riffs wil kunnen zetten om ermee door de kamer te rijden, zoals een vooraanstaand Nieuw-Zeelands tijdschrift het omschreef.
Met ‘Kaikoura Lights’ wordt – voor de kenners althans – overduidelijk dat dit een Nieuw-Zeelandse band is. Eind jaren zeventig werd de regio rond het plaatsje Kaikoura op het Zuidereiland, bij toeristen vooral bekend als plek waar je walvissen kunt spotten, opgeschrikt door een reeks tot op de dag van vandaag niet goed verklaarde UFO meldingen en in de song wordt deze geschiedenis nog eens uit de doeken gedaan. De tekst lijkt te bestaan uit een combinatie van ooggetuigenverslagen en krantenkoppen, gezet op sludgy groovemetal. Waar de bas zwaar en grommend van de fuzz en distortion de toon zet, de gitaar er dartel tussendoor jengelt en de drums als een metronoom strak de ritme aangeeft, daar zorgt zanger Ferris voor een bijna poppy, lichte finishing touch aan de verder vrij duistere, zompige heavy rock. Het resultaat is iets dat tussen metal, grunge, stoner en alternatieve pop in zit en als de songs dan ook nog eens meer dan oke zijn, dan is het duidelijk: ‘Soothsayer’ is met krap een half uur veel te kort. ‘You’ll be happy’ is nog zo’n nummer dat strijdt om de titel beste song van het album. Sloganeske lyrics, een ongelooflijk brute baslijn en gitaarmelodieën die van rauw naar verfijnd gaan: je wordt er inderdaad blij van.
Pas in de laatste twee songs gaat het tempo omlaag en is er ruimte voor wat bezinning. Of is het gewoon even een stilte voor de storm? In het slotnummer ‘Lazarus’ lijkt het daar veel op, want na een gedragen middenstuk waarin de akkoorden de gelegenheid krijgen om lang na te ijlen, gaat het in de laatste anderhalve minuut weer vol van jetje.
Uit alles blijkt dat Planet Hunter voor de bandleden een hobby is waar ze veel lol aan beleven en die ze op een tamelijk bizarre manier zeer serieus nemen. Maar het betekent voor ons helaas ook dat de kans deze kiwirockers in levende lijve bezig te zien zeer klein is, want hoe gaat zo’n obscuur bandje ooit hier komen? Dat is jammer, want op basis van de gruizige video’s op youtube is het een hele belevenis, Planet Hunter live, compleet met Residents referenties voor wie het herkent. Gelukkig is er de plaat en die moet je gewoon luisteren, en beter nog: kopen. Wie weet gebeurt er dan een wondertje en zijn de reuze oogbollen van papier-maché ook hier te bewonderen.



