Lords of Metal
Arrow Lords of Metal
Stygian Crown – Funeral For A King
Cruz Del Sur Music
Release datum: 23 februari 2024
“Al bij al een opvolger die groei vertoont en illustreert dat Stygian Crown geen vrees heeft voor aparte uitstapjes.”
8.3/10
Vera Matthijssens I 29 maart 2024

In het Amerikaanse Stygian Crown vinden we meteen enkele bekende muzikanten. Drummer Rhett Davis ontmoetten we in 2003 als slagwerker en belangrijke kracht in Morgion, later ook in Gravehill. Mark Kelson is de mastermind van het Australische The Eternal en onze Belgische kunstenaar Kris Verwimp verzorgde het mooie artwork dat erg goed past bij de mythologische thema’s en liefde voor classic metal van de band. Deze brengt met ‘Funeral For A King’ een tweede album uit na het titelloze debuut uit 2020.

Uit het zonnige Californië komt deze doom metal band die geïnspireerd is door traditionele doom metal echelons als Candlemass, Solitude Aeturnus en uiteraard Black Sabbath. Met Nelson Miranda en Andy Hicks heeft Stygian Crown twee bekwame gitaristen in huis die monumentale riffs en fraaie solo’s serveren in elke song (nou ja, behalve in het rustpunt ‘Blood Red Eyes’). Nieuwe bassist Eric Bryan vormt een solide tandem met voorgenoemde Rhett Davis. De zang is de verantwoordelijkheid van Melissa Pinion en dat is toch wel opmerkelijk, want het is net of ik een mannelijke vocalist hoor. Denk aan de zang van Manilla Road met langgerekte uithalen. Ze beheerst de ademtechniek erg goed.

Het instrumentale, korte titelnummer zet de toon van dit genre, meteen gevolgd door ‘Bushido’ dat met zinderende bas aanvangt en het ongeloof doet rijzen dat er een vrouw achter de microfoon staat. Maar dit is geen nadeel hoor, het is een stem waar we van houden. In dit tweede nummer is Mark Kelson te horen in gitaarsolo’s en als (achtergrond) zanger. Hij deed eveneens de mix van dit album terwijl Charles Elliott de mastering deed. De zompige gitaren klinken traag in ‘Scourge Of The Seven Hills’ en het is een klassieke doom track zonder als zware mastodont op de maag te liggen. Het sferische interludium ‘Let Thy Snares Be Planted’ leidt ons naar de volgende volwaardige song ‘The Bargain’ dat mediumtempo is en gelardeerd wordt met gitaarsolo’s. Het is mooi dat het vijftal niet enkel traag speelt, maar classic metal ook adoreert, getuige het snellere ‘Where The Candle Always Burn’. Aangenaam verrast worden we door ‘Blood Red Eyes’ waarin de puike zang enkel begeleid wordt door violen en piano. Dan resten ons nog twee doom nummers met de welbekende ingrediënten. Al bij al een opvolger die groei vertoont en illustreert dat Stygian Crown geen vrees heeft voor aparte uitstapjes.