Roadburn achter de schermen: een gesprek over verleden, heden en de toekomst
“Ik kijk ernaar en denk wauw! Wat zijn we eigenlijk gezegend met bezoekers die zo open staan voor alles wat we programmeren. Dus dat er bij twee uitersten van ons programma iemand zegt: “Dat wil ik allebei zien.”
Wanneer het over Roadburn gaat, dan valt vroeg of laat (meestal direct) de naam van Walter. Meer nog dan bij andere festivals is de oprichter en artistieke directeur het uithangbord, het visitekaartje. Het is niet voor niets dat hij bij velen bekend staat als “Mr. Roadburn” en lang niet iedereen zijn achternaam (Hoeijmakers) kent. Maar hoe zeer één persoon vereenzelvigd wordt met een festival, hij doet het niet alleen. Achter het uithangbord werkt een klein legertje mensen zich uit de naad om ervoor te zorgen dat Roadburn ieder jaar weer dat is waar het om bekend staat: heavy, anders en trendsettend. Het leek ons bij Arrow Lords of Metal daarom goed om in de aanloop naar het festival ook eens stil te staan bij de Roadburn-crew achter de schermen, zonder wie het festival er niet zou zijn.
Evil Dr. Smith, Jan-Simon Hoogschagen Ι 26 maart 2026
Het is een grauwe maandagmiddag als Evil Dr. Smith en Jan-Simon zich melden bij de receptie van 013 voor een gesprek met Jaimy Weijenberg (marketing), Erik-Jan Dodd (productie) en Daan Holthuis (booking). Uiteraard schuift Walter, de grote verbinder en bewaker van de Roadburngedachte, ook aan, voor wat een levendig gesprek zal zijn. Dat het drukke tijden zijn, blijkt al snel, want de telefoons van de heren staan niet stil.
De harde cijfers: volume en emotie
Leuk dat we hier met zijn allen samen kunnen zijn in deze drukke tijden. Laten we beginnen bij Erik-Jan. Jij bent de hoofdverantwoordelijke voor het geluid?
[ERIK-JAN] Onder andere, ik ben in de muziekwereld opgegroeid als geluidstechnicus en nu sinds een dik jaar hoofd van de afdeling productie, maar daar valt techniek ook onder. Eigenlijk is het alles backstage, inclusief techniek dus.
Dus dan zit jij niet letterlijk meer aan de knoppen?
[ERIK-JAN] Ik heb vorig jaar nog wel een keer achter de mengtafel gezeten, omdat het toevallig zo uitkwam en ze me even nodig hadde . Maar nee, ik verwacht dat dit jaar niet te doen. Voor het eerst in lange tijd dat ik geen bandjes doe op Roadburn.
Dan moet je vast nog wel achter de schermen van alles aansturen en het blijft wel een heel drukke periode waarbij je niet als fan van bepaalde bands nog even de tijd hebt om even rond te kijken.
[ERIK-JAN] Soms lukt dat, maar je bent altijd wel aan het werk. Dat is tegelijk het mooie van ons werk, dat het in elkaar overloopt.
Is het niet zonde dat je door je werk niet de fanboy in je tot ontplooiing kan laten komen, of kan dat wel gescheiden?
[ERIK-JAN] Sommige momenten wel, sommige momenten niet. Maar het lukt mij echt wel om te genieten van concerten.
Ik vond bij de voorbereidingen op dit gesprek een radiogesprek waarin jij, Erik-Jan het hebt over
[ERIK-JAN] Hoe hard het moet?
Ja, dat. Het was een paar jaar geleden in het nieuws, een advies dat de decibellen wat teruggeschroefd moesten worden. Maar dat bleef bij een advies en ik proefde uit jouw reactie dat het in de wind geslagen is, of hebben jullie er toch nog wat mee gedaan?
[ERIK-JAN] Het was een advies om naar 100 dB(A) te gaan. We werken met een convenant, waar alle zalen en festivals in Nederland zich aan houden. Wij registreren het niveau en als je door de tijd kijkt, dan houden we ons daar eigenlijk grotendeels aan. Ook bij een heavy festival als Roadburn. Alleen die 103 db(A) is wel nodig om af en toe een bepaalde artistieke expressie in de dynamiek goed tot uiting te kunnen laten komen. Zoals ik altijd zeg, als je boos bent, ga je niet fluisteren. Er is echt een link tussen volume en emotie wat mij betreft. Gevoelige vioolmuziek speel je ook niet keihard, maar om nou te zeggen dat we het in de wind geslagen hebben, vind ik te sterk. We houden gewoon 103 aan als maximum.
Dus in principe is er niks veranderd?
[ERIK-JAN] Nee, in die zin niet. Je ziet wel een trend dat er iets zachter gedraaid wordt, ook op Roadburn zie je dat. Je hebt luid om het luid, maar dat hoeft niet voor mij. Het gaat om impact uiteindelijk en als dat op een bepaald niveau behaald wordt dan is het goed.
De zakelijke realiteit van een ‘niche’ festival
Het Roadburnteam bestaat vooral uit 013-mensen die een groot deel van hun tijd voor Roadburn werken. Jaimy, hoeveel van je tijd spendeer je nu aan Roadburn?
[JAIMY] Dat varieert. Bij mij is dat gemiddeld fifty-fifty, maar tijdens en vlak voor Roadburn is dat 100-nul, dan ben ik volledig hier.
Het is een balans en daar zitten ook pieken bij. Bij 013 hebben we pieken in oktober, november. Dan hebben we de eerste paar stappen naar buiten voor Roadburn net gezet. De drukte voor Roadburn voor mij zit hem heel erg in deze periode, dus februari, maart, april. Dan wordt het bij mij steeds drukker en dan verschuift die balans. Maar dat is helemaal prima. Want daarna, na april, dan zijn er weer een paar maanden waarin mijn werk voor Roadburn maximaal 20 of 30% is. Dan ben ik veel minder van mijn week daarmee bezig, omdat er veel minder te melden is.
Ik denk dat ik Walter nu bijna iedere dag minstens één keer aan de telefoon heb en als het mei is, spreken we elkaar hooguit twee keer per week .
(Op dat moment, alsof het erom gedaan wordt, gaat Walters telefoon. Het is zoals gezegd een drukke tijd)
Je hoort altijd dat Roadburn bekendstaat om de community, de hondstrouwe fans en bezoekers. Wat valt er dan nog aan marketing te doen? Ze komen toch wel, ook zonder reclame.
[JAIMY] Voor zowel 013 als voor Roadburn geldt dat je de industrie voor de pandemie en na de pandemie hebt. Dat is echt wel veranderd. En niet alleen door de ontwikkeling die Roadburn artistiek doormaakt, het is nu ook gewoon heel duur. Je kunt het moeilijker vergelijken met vroeger. Er zijn jaren geweest waarin we vrij rap uitverkochten en een heel trouwe fanschare hebben die hoe dan ook terugkeert. Die hebben we nog steeds, maar het is zoals alles in het leven, een stukje duurder geworden dus.
Met andere woorden, je moet er meer moeite voor doen?
[JAIMY] Zeker, maar er komen nog steeds mensen uit Nieuw-Zeeland en Brazilië hier naartoe. Alleen, tegenwoordig gaat die ticketverkoop minder snel dan voorheen.
[WALTER] Eerder was de capaciteit ook de helft en er is een periode geweest, van zeg maar 2007 tot 2018, 2019, toen was Roadburn een pelgrimage en waren we eigenlijk hét festival.
Nu is Roadburn nog steeds hét festival, maar er zijn minstens 15 tot 20 Roadburns bij gekomen in Europa en in de wereld. En dan ga je in deze veranderende wereld waarin alles schuift, alles duurder wordt en voor veel mensen niet alles meer even vanzelfsprekend is, dit organiseren. Dat kost gewoon meer tijd. Maar we zijn nog steeds op het gebied van wat wij doen de grootste en meest vooruitstrevende van het grote aantal.
Jullie zijn een aantal jaar geleden uitgeroepen tot beste festival van Europa?
[WALTER] Ja, in 2023 hebben we van de EBA de Award voor het beste kleine festival in Europa gekregen.
Dus jullie doen er nog steeds toe.
[WALTER] Roadburn doet er nog steeds heel erg toe, ook met zoveel afgeleiden van Roadburn. Het verschil is alleen, al die kleinere Roadburn-klonen, dat zijn festivals in zalen tot 1500, 1800 mensen. Als dat onze verkoop zou zijn, dan waren we op de eerste of de tweede dag nadat we de voorverkoop starten uitverkocht.
Alleen dat, dat is niet meer.
Ik denk dat die festivals waar jij nu op doelt vooral gebaseerd zijn op een Roadburn-vibe van 10 jaar geleden.
[WALTER] Of drie of twee jaar geleden.
Ik denk aan een aantal festivals van hier in Nederland of in Antwerpen die vasthouden aan het traditionele heavy geluid. Bij Roadburn gaat het inmiddels echt alle kanten op.
[JAIMY] Het is ook wat jij zegt, het is veel breder dan het originele geluid wat je nu op die andere festivals veel ziet. Het is veel breder en de artistieke visie van Walter daarin is soort van ever evolving, steeds proberen die grens van wat heavy muziek is en wat daarin past te proberen te verleggen.
Als jullie nou een leuk bandje zien of een bepaalde artiest en denken van “vette shit! Dat is heel erg Roadburn-approved vind ik”, ga je dan in conclaaf met Walter en probeer je dat ook door te drijven, of is het toch Walter die bepaalt?
Vanaf de bank waarop hij is neergeploft mengt Daan zich nu ook in het gesprek:
Walter is wel degene die zegt: “Hé, dit gaan we oppakken, ja of nee.” Uiteindelijk is het dat Walter ook alleen maar gebaat is, dat hij gevoed wordt door wat er speelt en wat wij horen. En dat gaat er eigenlijk altijd om van: wat hoor je als je je oor tegen de grond aanlegt? Dat hoog-over stuk , dat loopt vaak wel. Dat is vaak ook een lange lijn met projecten zoals bijvoorbeeld vorig jaar Altin Gün die dan na zeven jaar praten eindelijk op Roadburn staat. Daar zijn heel veel gesprekken voor nodig. Tegelijkertijd kijk je rond, op andere plekken en vind je acts. waar je dan via via wat over hoort of net op die ene toffe plek een hele toffe show hebben gedaan. Gewoon kijken wat er speelt. Vorig jaar hadden we die Utrechtse scene bijvoorbeeld nadrukkelijk een podium gegeven. Het zijn toch wat dingen waar je zelf nog je vingers ergens in hebt en dat leg je natuurlijk bij Walter neer. Volgens mij begon het met Throwing Bricks in 2024.
Vanuit dat contact en vanuit die show krijgt dan zo’n idee vorm. Dat zijn heel veel gesprekken. Ik weet ook hoe Walter werkt. Dan zeg je iets tegen Walter en Walter gaat dan ook weer naar zijn netwerk: “Daan zegt dit.”
En ik doe het ook vice versa naar Daan, vult Walter aan. Want als ik bijvoorbeeld dingen hoor waar ik niet helemaal thuis in ben, dan is het fijn dat ik Daan of Becky kan vragen dat terug te koppelen.
Uiteindelijk maak ik de artistieke keuzes, maar die zijn wel gebaseerd op alle gesprekken, alle input, wat Daan ziet, wat Becky ziet, maar ook wat Jaimy ziet. Soms zegt Dodd [Erik-Jan Dodd, red.] ook wel eens dingen tegen mij. Ik probeer al die input aan elkaar te koppelen. Het enige wat ik doe is het grote plaatje schetsen, maar waarin voor iedereen ruimte is en soms zeg ik tegen Daan dat ik het op dit moment niet zie zitten. Dan mopperen we wat en denken allebei: Hè waarom nou? Drie maanden later bel ik Daan en zeg ik: “Potverdomme, die band die je toen noemde, past daar op die plek nou zo goed, alsjeblieft, ga er meteen achteraan.”
Daan had bijvoorbeeld toen hij nog bij Patronaat werkte al een project gedaan met Throwing Bricks en Ontaard. Hij wees me erop en ik woon in Utrecht, dus ik denk, ik moet eens gaan kijken, dus ik naar dB’s, op aanraden van Daan.
[JAIMY] Het is niet altijd dat we ons afvragen of het iets voor Roadburn is? Het is ook heel veel elkaar tippen: “Hé, heb je dit al gehoord?” En soms kunnen het dingen zijn die niet per se voor Roadburn zijn of de visie zoals die dan voor dit jaar ligt. Maar het komt allemaal vanuit een soort van liefde, een gedeelde liefde voor muziek.
Maar kan dat nog steeds, want je zei dat het moeilijker wordt om de zaal vol te krijgen en Walter zei ook iets over de grote concurrentie. Kun je nog puur uitgaan van je eigen liefde voor muziek of moet je soms ook naar het grootboek kijken en zeggen, allemaal leuk en aardig maar nu moeten we ook een act hebben die de zaal vol krijgt?
[DAAN] Ja, uiteindelijk wel. Het heeft geen zin om het helemaal te negeren. Als ik op mijn 013 stoel zit, dan is het vaker een puur economische keuze: hoeveel tickets gaan wij verkopen? Bij Roadburn denk je veel meer: krijgt deze act de zaal gevuld? Kunnen we een buzz creëren rond die act? Hoe plaats je die act supermooi in het tijdspad? Dat is een heel ander uitgangspunt. Maar één van de uitgangspunten blijft natuurlijk: krijgt deze band de zaal überhaupt gevuld?
Dat is lastig. Ik schat in dat dat soms niet zal lukken.
[WALTER] Nee, dat wil niet altijd lukken en het is ook niet altijd even makkelijk. Daarbij speelt Dodd ook nog wel eens een rol, want soms krijgen we dingen aangeboden en dan zie ik de productierider [het overzicht van wat een band technisch vraagt van een zaal om een show te kunnen doen, red.] binnenkomen. In mijn geval laat ik die voorlezen of ik ken de bands in kwestie en dan ga ik Dodd vragen of wij dit aan kunnen binnen Roadburn. Niet: past dit muzikaal, maar past dit productioneel?
De puzzel van de programmering
Je bedoelt dat ze hun eigen geluidsinstallatie mee willen nemen?
[ERIK-JAN] Bijvoorbeeld, we hebben het Metropole Orkest gehad met Die Wilde Jagd. Dat is wel een productie. Die hebben de hele ochtend nodig om op te bouwen. Dan willen we weten: wat heb je ervoor nodig om dat neer te zetten? Hoe snel krijgen we dat weer van het podium af en wanneer kan dat?
Want daarna moet de volgende band weer beginnen. Het is wel iets wat je neerzet op een festival waar je gewoon door wil. Dat soort puzzeltjes moet wel even gelegd worden.
Dat vind ik ook heel opmerkelijk, bij Roadburn althans. Ik probeer elke dag iets van tien, twaalf artiesten mee te pikken en na vier dagen besef ik dat van de veertig tot vijftig artiesten die ik heb gezien er misschien twee waren die net twee minuutjes te laat begonnen. De rest is zo strak als de dienstregeling van de Zwitserse spoorwegen.
[ERIK-JAN] Dat zit hem er in dat Walter daar al in een heel vroeg stadium rekening mee houdt.
[DAAN] Maar andersom is het ook het respect van de artiesten die spelen op Roadburn. Je hebt natuurlijk ook festivals waarin artiesten het publiek laten wachten, de kantjes ervan aflopen.
[WALTER] Het is wat Daan zegt, als hij zijn 013 bril op heeft, dan zie je een band, die kan hier 3000 tickets verkopen, dit is economisch belangrijk voor 013. Die band neemt een enorme show mee. Dan gaat Daan naar productie en zegt gewoon: “Maak dit mogelijk.” Bij zo’n stand-alone show heb je de hele ruimte voor jezelf. Bij Roadburn, als ik naar Dodd zou gaan en een grote productie bij hem over de schutting flikker “zie maar hoe je het redt”. Ja, dan komt hij naar mij en zegt: “Walter, als ik dat ga doen, dan kan dat, maar dit zijn alle consequenties en daar wil ik graag ook rekening mee houden, want dat betekent namelijk dat de ene band wel zich volledig kan geven en een andere band niet.” Dat zijn heel andere afwegingen. Daar hebben Daan en ik dan weer heel vaak discussies over: past dit wel binnen Roadburn?
Zo hebben we dit jaar bijvoorbeeld These New Puritans. Een band die al jaren meedraait, een avant-garde band, die met een voor Roadburn aparte backline set-up komen. Ze spelen glockenspiel, timbales, xylofoon, noem het maar op. Ik kijk er naar en ik wil het graag hebben. Ik ga naar Dodd en geef hem die rider. Zijn reactie is dat het als rider niet veel voorstelt, maar dat het eigenlijk gezien het hele verhaal alleen op de Main Stage kan vanwege de productiefaciliteiten. Alleen is zo’n band eigenlijk veel te klein voor de Main Stage. Maar we vinden die muzikaal heel interessant, en dan heb ik met Daan, Nick, Becky en Gijs weer flink wat gesprekken. Dan zeg ik: “Luister ik wil dat graag en het lukt alleen op de Main Stage. Laten we de gok wagen met deze band.” De gok is of het druk wordt, dat weten we niet. Wat we wel weten is dat die band een hele setup zo perfect voor elkaar krijgt dat ze een goede show kunnen doen.
[ERIK-JAN] De omstandigheden zijn er in ieder geval optimaal.
Het is dus een spannende keuze, de locatie versus hoeveel publiek trek je?
[WALTER] Ja, maar die maak je ook met het hele team, want ik wilde het eerst in de kleine zaal en toen zei jij Dodd:
[ERIK-JAN] Niet helemaal ideaal.
Neptunian Maximalism heeft met al hun attributen ook gewoon in de kleine zaal gestaan en dat kwam toch goed tot uiting?
[WALTER] Maar wel met een change over van anderhalf uur. Doe je dat, dan betekent het dat als je de tijdschema’s maakt er ergens op de dag twee blokken recht tegenover elkaar komen te staan, die dan ook niet meer van elkaar af te trekken zijn.
[JAIMY] Een tijdschema maken is hogere wiskunde, omdat je ook speelt met albumsets en dat soort dingen. Albums hebben nu eenmaal een gegeven lengte. Je kunt niet zeggen je hebt een uur en als je album een uur en een kwartier duurt, tja, doe de laatste twee of drie nummers maar niet, want dat past niet binnen de tijd. Daar zie je dus andere festivals blokken met hele afgevlakte tijden hanteren, terwijl dat soms niet kan.
Hou je nog een heel klein beetje rekening met de bezoeker, die voor het eerst het blokkenschema ziet en denkt: oh nee, als die band maar niet clasht met die band.
[WALTER] Nee, dat kan niet. Dat klinkt heel stom. Ik herken het, want de bezoeker reageert vanuit primaire emotie: ik moet dat zien! Wij hebben met heel andere dingen te maken: tijdschema’s, hoe laat komt band A aan? Wat hebben ze nodig? Maar ook band B komt om 3 uur aan, we hadden band A eigenlijk geplaatst van 3 tot 4, maar die komen pas om 5 uur aan. Dat lukt niet, je kunt daar geen rekening mee houden, want wij zijn afhankelijk van wanneer bands aankomen, wat de productie is, wat de settijd is… Maar wij willen ook een flow hebben. We maken routes in het festival die je kunt lopen en op een gegeven moment dan komen er clashes die helaas niet te vermijden zijn.
Kun je iets meer vertellen over die routes? Hoe werkt dat?
[DAAN] Je probeert een bepaalde soort spanningsboog in te bouwen voor de bezoeker. Dat kan heel basaal zijn: ik wil alleen maar black metal luisteren op een dag. En dan kun je de blackmetalroute lopen, bijvoorbeeld.
Dus je houdt toch wel een beetje rekening met de bezoeker?
[DAAN] Het kan bijvoorbeeld dat twee bands echt naast elkaar staan en dat je moet zeggen: het is praktisch bijna onmogelijk om dat uit elkaar te trekken. Het is ook een keuze. Dit is nu mijn derde editie dat ik voor Roadburn werk. Je houdt met alles rekening en denkt, oh, dan zetten we die bands naast elkaar, want dat maakt niemand uit. En dan: het grootste drama bij de aankondiging van het tijdschema is juist die clash, waarvan je denkt dat het helemaal niets uitmaakt.
[JAIMY] De eerste comment was: “ja, maar ik wil Altin Gün en Blind girl zien”.
Aan de andere kant: ik kijk er naar en denk wauw! Wat zijn we eigenlijk gezegend met bezoekers die zo open staan voor alles wat we programmeren. Dus dat er bij twee uitersten van ons programma iemand zegt: “Dat wil ik allebei zien.”
[WALTER] Dat is gewoon heel moeilijk, maar als je de Roadburnline-up neemt en je pakt het blokkenschema erbij: je bouwt altijd op over het hele weekend naar een bepaald hoogtepunt en je kunt ze allemaal pakken. Dus je kunt inderdaad van Krallice naar Cult Of Luna naar Oathbreaker en alles wat er tussen zit, zonder dat dat clasht. Je kunt de psych kant pakken, de experimentele kant, de folk kant. Je kunt het allemaal van begin tot eind, van donderdag tot zondag kun je de hoogtepunten vinden in het tijdschema. Die staan exact geklokt. Alleen, mensen willen heel veel zien.
We hadden afgelopen jaar op zaterdag in de terminal en de Engine Room zo’n blokje van vier bands op het einde die heel veel mensen gelopen hebben, waar die posthardcore / postmetal-vibe was. Voor heel veel van de jonge generatie was dat het hoogtepunt, want dat overlapte niet met elkaar. Als je muziekliefhebber bent en je legt die tijdschema’s naast elkaar, dan kun je die routes zien.
Ik ben geen wiskundige. Ik had het er vorige week nog over met Daan. We waren naar een band wezen kijken en we hadden zoiets: Bam! Die gaan we daar neerzetten, alles goed. Ik loop naar huis en nog geen half uur later hang ik bijna huilend bij Daan aan de telefoon. Wat hebben we gedaan? Want nu krijgen we deze clash!
Maar dat is het. We zijn open van twee tot één uur ’s nachts, qua bands. Dat is 11 uur. Dan kun je geen 25 bands zien. Je kunt die niet in dat aantal uren proppen.
Nee, dat is fysiek onmogelijk.
[WALTER] Maar dat is wel een beetje het samenspel. Nee, natuurlijk kun je geen festival meer draaien op alles wat je eigen favoriete bands zijn. Maar Daan, we hebben nog altijd denk ik een hele grote controle.
[DAAN] Zeker. Hoe ik Roadburn zie en ik ben er zelf onderdeel van, dus het is ook een beetje preken voor eigen parochie, het is wel een festival dat ook een statement is. Wat wij belangrijk vinden. Als we een discussie hebben over waar bands staan, dan leg ik vaak de vraag bij Walter neer: wat wil jij?
Want dat is de kracht, als je daar zelf wat bij voelt. Die authenticiteit behoudt in plaats van dat het vertrekpunt de zaal vullen is. Dat is voor mij ook het leukst, want in mijn andere job als programmeur voor 013 vul ik de zaal, kort door de bocht.
En daarom probeer ik ook wel een soort van artisticiteit erin te krijgen. Echt te programmeren. Bij Roadburn stel je een programma samen en gaat het er ook om dat je er zelf achter staat.
Echt een hele andere invalshoek?
[WALTER] Dat is voor mij soms moeilijk, want dan vraagt Daan aan mij: “Walter, ik heb je advies nodig.” En dan vraagt hij een advies buiten de Roadburncontext. Dan moet ik soms zeggen dat ik het niet weet, want ik denk natuurlijk altijd vanuit die gedachte. Er wordt af en toe gevraagd, band A of band B uit Roadburn wil een stand alone show doen hier. Dat staat hier op het festival in de grote zaal met 3000 man met de benen buiten. Dan zeggen we, dat moet wel lukken en vervolgens zie je zo’n band hier net 110 kaartjes te verkopen.
De gunfactor
Ik vermoed ook dat jullie inmiddels ook wel een grote gunfactor hebben ontwikkeld bij bands. Dat als je aanklopt je niet altijd meer hoeft uit te leggen wie of wat jullie zijn en waar jullie voor staan of valt dat toch tegen?
Bijvoorbeeld, Habak uit Mexico, ons niet bekend. Hoe kom je daar zo bij?
[WALTER] Kleine band, gunfactor. Ja, die wilde graag spelen.
Oh, ze kwamen bij jullie aankloppen?
[WALTER] Het gaat vaak zo; we hebben een bepaalde band op de radar staan. Wij zoeken die band op en horen dan al van allerlei kanten, 100% Roadburn. Je weet dat die band ervan droomt, dan krijg je een gunfactor. Maar we hebben ook heel veel bands van het kaliber Róis, Prostitute, Truck Violence, Blawan, Maruja, noem het maar op. Acts die op een of andere manier hot zijn. Dat zijn vaak ook bands die op het vizier staan van Lowlands, Best Kept Secret, Down the Rabbithole, Roskilde, Primavera, Coachella, noem het allemaal maar op. Dan is de naam Roadburn in die wereld een onbekende naam. Daar is het eerder: wie ben jij en wat moet je van ons?
[DAAN] De leus van Roadburn is “Redefining heaviness”. We zoeken elk jaar weer die grens op en komen met partijen in aanraking die zeggen leuk dat je Roadburn bent, maar betaal onze fee maar gewoon 100% voor je ons mag aankondigen.
[WALTER] Bijvoorbeeld Blawan, een heel bekende techno DJ. Een heel grote naam in de techno-wereld. Wij wisten dat die graag bij ons wilde staan. Hij staat op Draaimolen, Dekmantel, ADE, Tomorrowland, noem het maar op. Zo’n jongen. Opeens wordt er gezegd dat hij zijn grenzen wat wil verleggen. Dat komt dan bij ons en dan zit je opeens te concurreren met die festivals. Zo iemand krijgt daar echt heel veel.
Maar noemde hij specifiek jullie?
[WALTER] Hij wilde heel graag heavy festivals doen. Uiteindelijk bleek dat hij heel graag op Roadburn wilde staan, dus het is ons wel gelukt. Maar de gunfactor kwam niet vanuit de agent, maar vanuit de man zelf.
Nog beter eigenlijk.
[WALTER] Maar wat we ook merken – en dat is de andere kant – er is een x aantal bands uit de Roadburnwereld echt groot geworden en dat is goed hoor, begrijp me niet verkeerd. De gunfactor is dan voor Roadburn niet uitgespeeld, maar die hebben we al gehad.
Wat we zien is dat die bands een tweejarenplan hebben. Anna von Hausswolff, je ziet het gebeuren. Fantastische nieuwe plaat uit, in januari in Paradiso. Dan weet je, als ze Paradiso uitverkoopt, wordt het of Best Kept Secret of Dauwpop of Lowlands. En vervolgens Primavera. En als dat allemaal goed loopt, staat zo’n artiest het jaar daarop op Coachella.
Voor zo’n artiest is een jaar of zelfs twee jaar al helemaal uitgestippeld. Ze hebben vaak wel nog een raakvlak met Roadburn en willen hier graag staan, maar het gameplan voor zo’n artiest is veel groter dan Roadburn. En dat merk je bij een Chelsea Wolfe, die gaat nu richting Primavera. Net als een Deafheaven, een Chat Pile en die andere grote bands, dus dan is het simpelweg wachten voor ons tot die artiesten zeggen, hé we willen toch weer terug. Dat is een nieuwe dynamiek die voor ons heel anders is.
Er is ook nog een ander soort dynamiek en dat is dan van bands waarvan ik niet eens wist dat ze weer bestaan. Die zie ik ineens op jullie flyer: Oathbreaker, Kiss the Anus of a Black Cat, Coalesce, Warning.
[WALTER] Dan heb je het weer over de gunfactor. Coalesce komt trouwens niet vanwege alles wat er gebeurd is [het gaat hier om beschuldigingen aan het adres van de gitarist van de band, Jes Steineger, waardoor de band het bijltje erbij neer gegooid heeft, red.].
Nee, maar Oathbreaker bijvoorbeeld. Wij worden gewoon gebeld. Oathbreaker wil vier shows gaan doen en alle leden van Oathbreaker hebben wij over de jaren heen fantastische plekken gegeven. Zij hebben een binding met het festival en hebben tegen de booker gezegd: eerste optreden, eerste aankondiging Roadburn en niets anders. Gunfactor!
Kiss the Anus of a Black Cat. Dat was letterlijk een telefoontje. Daan werd gebeld door Daan (de booker heet ook Daan). De band staat op Wave Gothic Treffen met deze plaat en wil dat volgend jaar nog twee of drie keer doen. Roadburn staat hoog op de lijst. Gunfactor! Warning: Er is een hele goede band tussen Patrick Walker en Becky en tussen mij en Patrick en het festival. Dus zegt Patrick: Roadburn wordt de plek waar we de eerste nieuwe nummers van de plaat gaan spelen. Je krijgt één telefoontje waarin dat gezegd wordt. Maar dat zijn tegenwoordig wat meer uitzonderingen.
En omdat Human impact vorig jaar optrad, was het makkelijker om dit jaar ook Unsane ineens weer op het podium te krijgen?
[WALTER] Dat was eigenlijk best een moeilijke.
Oh, die ging niet over één nacht ijs?.
[DAAN] Deze heb ik niet helemaal scherp meer. Maar ja, het kost altijd even wat tijd. Maar ja, ook met dit soort dingen, dit soort reünieshows, heb je af en toe de gunfactor. Ik weet niet of dit voor Unsane gold, soms denk ik dat agenten ook dollartekens in de ogen hebben.
Unsane? Een band van die orde die…?
[DAAN] Nee, die zijn nog echt heel punk enzo. Het was wel even aftasten qua verwachtingsmanagement.
[WALTER] Het heeft er natuurlijk wel mee te maken dat Chris Spencer al op Roadburn stond. We hebben dat flink moeten aftasten. We hebben het wel gedaan. Het gaat trouwens wel een ding worden: Unsane. Ik denk niet dat heel veel mensen door hebben waar we die neer gaan zetten. Maar voor de happy few wordt dit de show van Roadburn.
Het was geen ABC’tje. We hebben er wel over nagedacht en toen hebben we een vrij radicaal voorstel gedaan waar de band zoiets bij had van, dat vinden wij wel heel ruig.
Ze staan in de Next, dus het worden 700 gelukkige mensen die daar de afbraakshow van het festival gaan zien. Unsane op de Main Stage of in de Koepelhal zal niet de impact hebben van hoe die band ooit is begonnen. Dan krijg je ook weer verwachtingsmanagement en dat is dan zo moeilijk. Drie of vier jaar geleden speelde Unsane in dB’s [een zaal van circa 300 man, red.] en daar bleek het Utrechtse voorprogramma stukken populairder, dus dat zijn allemaal van die dingen. Je krijgt met hele rare dynamieken te maken. Timing enzo.
Productie en innovatie
Je had het over waar de bands neer te zetten. Je hebt natuurlijk de Koepelhal. Ik denk dat dat voor jou Dodd vooral geluidstechnisch een grotere uitdaging is dan hier in de 013, waar het allemaal qua akoestiek perfect is.
[ERIK-JAN] Niet alleen qua geluid, er staat inderdaad geen podium of bar, dus alles moet je ook nog even opbouwen. Ja, dat is in die zin meer een klassiek festival.
Houden jullie ook rekening met hoe een band speelt? Laat ik het zo zeggen, met punk dan kan het. Daar hoeft het allemaal niet zo heel netjes te klinken. Maar bij een andere band die meer in de jazzy hoek zit of zo, daar matcht het misschien wat minder vanwege galm of geluid.
[EH] We doen best wel veel aan akoestische behandeling in die Koepelhalruimte. We gebruiken panelen gevuld met wol, een centimeter of vijf dik.
Die hangen aan de wand tussen de twee ruimtes. Als je er bent dit jaar moet je maar eens gaan kijken. Langs de wanden hangt het volledig.
En qua geluidsysteem, is dat door de jaren heen veranderd? Hoelang zijn die locaties nu onderdeel van Roadburn?
[JAIMY] 2018 of 2019.
[ERIK-JAN] De indeling is veranderd, maar met die panelen, die bevels, daar hebben we vanaf moment één wel gezegd, als we daar iets willen gaan doen met heavy muziekstijlen, dan moeten we maatregelen nemen om een acceptabele geluidskwaliteit te krijgen. Ik weet niet of de akoestiek een afweging was. Je kijkt sowieso naar welke ruimte het best past.
[WALTER] We weten na al die jaren welke bands daar het best tot hun recht komen. Sinds dit jaar wordt een nieuw soort PA-systeem gebruikt dat nog beter is.
[ERIK-JAN] Er zit zeker ontwikkeling in. Ik werk nog af en toe als ZZP geluidstechnicus en dan kom je ook in tenten. Het is veel beter nu in een tent te mixen dan vijftien jaar geleden. Dat komt doordat die nieuwe PA’s veel meer direct op het publiek zijn gericht en niet meer op de galm in de ruimte. Er zijn echt flinke stappen gemaakt.
In het verleden werden veel concerten opgenomen om later ook als album uitgebracht te worden. Dat lijkt nu een beetje op een lager pitje te staan. Hoe zit dat eigenlijk, wat wordt er nu nog gedaan? Worden alle opnames bewaard?
[WALTER] We hebben tot 2019 heel veel opgenomen, maar alleen met toestemming. Naderhand wilden sommige artiesten het zelf uitbrengen. Anderen wilden we door Jurgen van Burning World / Roadburn Records laten uitbrengen. We namen het in eerste instantie altijd op om het ook op [VPRO] 3voor12 te kunnen laten streamen, maar omdat streaming het nieuwe verdienmodel is samen met bandcamp en andere vormen was het voor heel veel bands uiteindelijk niet interessant meer om het door een derde partij te laten streamen of uitbrengen. In 2022 namen we nog iets van 72 van de 90 bands op, waarvan uiteindelijk 21 streams op de VPRO kwamen te staan. En dat investeerden we zelf met het festival. Dan praat je echt over veel geld. We kwamen op een punt dat het financieel niet meer te verantwoorden was. Het was niet meer te doen en het oorspronkelijke doel van het opnemen, namelijk het streamen op een partij als 3voor12 werkte niet meer. Bands zeiden dank je voor de opnames en wilden daarmee zelf de boer op gaan. Op zich begrijpelijk, maar niet onze bedoeling. We hebben daarom drie jaar geleden besloten te stoppen met opnemen.
Helemaal niet meer?
[WALTER] Nee, we nemen nog de Commissioned Pieces op en er zijn nog een handjevol bands die zeggen, “Oh, hebben jullie die spullen? Wat kost het om ons op te nemen?”
Maar het is niet meer financieel in het festivalmodel te verantwoorden om heel veel op te nemen. Het is de veranderende dynamiek – dat kan Dodd beter vertellen. Wij hadden Marcel van Vondervoort met een hele crew met eigen mixingdesk boven in het pand met alles erop en eraan voor de opnames, terwijl nu een band dit meeneemt [Walter wijst op een laptop], tja.
[ERIK-JAN] Zo’n opname setup is een aftak van de geluidssetup. Je hebt normaal een mengtafel voor de muzikanten op het podium, eentje die het zaalgeluid verzorgt en dan werd daar een derde aftak gemaakt naar een opnamemengtafel. Tegenwoordig hebben steeds meer artiesten, en zeker bijna alles wat in de Main staat, zelf mengtafels bij zich, omdat die steeds kleiner worden, makkelijker mee te nemen zijn en goedkoper worden. Daarmee verandert de manier van werken. Normaal tak je af van de mengtafels die wij hebben staan. Dat kan je gewoon standaard inrichten voor het hele festival.
Maar als je elke keer andersom moet werken: een technicus van een band die komt met het laptopsize mengtafeltje dat de band toevallig heeft en zegt: “Nou, hier is mijn mengtafel, ik prik hem nu in…” dan wordt het ineens heel complex. Die standaard setup is er gewoon niet meer. En dan hebben ze inderdaad ook allemaal een laptopje eraan hangen om het op te nemen. Dus ja, op meerdere vlakken is er veel veranderd.
Maakt dat dan jullie werk minder interessant omdat bands alles in eigen hand proberen te houden?
[ERIK-JAN] Nee, het verandert vooral. Tja, dingen veranderen door de tijd. Ik vind, dat het uiteindelijk erom gaat dat een band het podium op gaat en een vette show geeft. We hebben sowieso altijd wel gehad dat bandjes met technici reisden, maar die werkten dan vaak op een mengtafel van ons. Dat was eigenlijk in de tijd dat ik begon de standaard. Dan zei je als huistechnicus tegen de technicus van een band: “Dit is onze mengtafel. Hij is zo ingedeeld. Hoe kan ik jou helpen zo goed mogelijk jouw mix te maken?”
Sommige bandtechnici maken nog steeds gebruik van onze mengtafel, andere weer niet, dus dat is een hele andere dynamiek geworden, maar dat maakt het niet saai of zo.
Heb je dan wel eens heel eigenwijze gasten die dingen doen waarvan je denkt: joh, doe dat nou alsjeblieft niet?
[ERIK-JAN] Laat ik het zo zeggen, een geluidsman vindt het werk van andere geluidsmensen natuurlijk nooit zo goed als hoe hij het zelf doet.
[WALTER] Ik kan wel zeggen dat ik Dodd en andere mensen van hier in paniek heb zien kijken naar mensen van: holy shit, wat doet ie nu?
Ik had ook niet anders verwacht. Zulke dingen gebeuren nu eenmaal.
[WALTER] Bij dit soort voorvallen gaat het niet om een Koepelhal of een kleine zaal, maar om het in de Main goed te doen, dan moet je echt als geluidstechnicus wel een bak ervaring hebben.
[ERIK-JAN] Het is geen klein dingetje. Vergelijk het met als wij nu in een Formule 1-auto zouden stappen, dan vliegen we ook geheid uit de bocht.
Heb je dan ook een show waar je echt heel trots op bent?
Dat je denkt: wat een vette show – Thanks to me!
[ERIK-JAN] Dat vind ik moeilijk. Ik heb wel een show die ik heel goed vond, ook geluidstechnisch maar die ik zelf niet gemixt heb. Dat was de samenwerking die ik had met de technicus van de band Die Wilde Jagd met het Metropole Orkest. Ongelooflijk goed en ik ken de man ook goed. Hij was bezig met de mix en ik zorgde dat het systeem klopt. Nou, dat was echt om door een ringetje te halen.
En over concerten die een beetje de mist in gingen, daar vertel je natuurlijk liever niet over?
[ERIK-JAN] Nee.
[WALTER] Wat vorig jaar heel bijzonder was, was Altin Gün. Dat geluid dat stond en ik heb ook gewoon 70 minuten staan genieten.
[ERIK-JAN] Jasper Geluk heet die geluidsman, hij is heel goed.
[WALTER] Ja, dat merkte je ook. Wat een geluid … Ik weet, ik kwam jou daarna tegen en ik vroeg: “Wat gebeurt hier?” Toen noemde je de naam en je zei nog: “Deze man snapt deze ruimte. Deze spullen, die hoef je niks uit te leggen”. Nou, dan heb je opeens ook zo een show staan. Soms hoor je mensen klagen over het geluid, dan lees ik het online en dan denk ik, jullie moesten eens weten wat hier gebeurde tijdens die show.
[ERIK-JAN]Er gebeuren ook wel eens andere dingen. We hadden het net over Chat Pile, die bleken ineens geen technicus mee te hebben. Of het afgesproken was weet ik eigenlijk niet, maar daar word ik op het laatste moment bij gehaald. OK, dan mix ik het wel. Mooi, aftrappen en gaan.
Er stond een collega naast me en die kende Chat Pile heel goed. En ik zei tegen hem: “Klinkt het zoals het hoort?” Hij zei: “Nee, man nog te netjes. Can you please fuck it up a bit?”
Douwes drieluik
Iets anders nu en dat is waarschijnlijk meer jouw ding, Jaimy. Qua artwork zijn jullie bij iemand uitgekomen die we vorig jaar bij de merch zagen.
[JAIMY] Dat was niet toevallig dat hij daar stond.
Ik las dat hij in 2020 al het ontwerp heeft gemaakt, maar dat bleek voor niets. Het heeft dan toch 5 jaar geduurd eer hij weer om het hoekje komt kijken. Dat kan twee kanten op: was het een rustpauze of juist een herkansing?
[WALTER] Wij zorgen goed voor de mensen die dingen voor ons doen. En wij hadden bij Douwe Dijkstra zoiets van: het was natuurlijk heel rot allemaal. Hij heeft destijds vier posters gemaakt. Die heeft hij in 2021 via Roadburn Redux nog kunnen verkopen. In 2022 stond ie er weer met zijn posters van 2020, maar toch, het was unfinished business, toch, Jamie? Het voelde niet goed.
[JAIMY] Op een gegeven moment viel zijn naam in een gesprek en als je dan denkt, dat klinkt goed, dan gaan we aan de slag. Een eerste belletje en op Eurosonic 2025 zijn wij in Groningen bij zijn atelier langs geweest en hebben daar een heel leuk gesprek gehad.
[WALTER] We hebben weliswaar goed voor hem gezorgd, maar toch… Dus wij vroegen Douwe of hij het nog een keer zou willen doen. Nu gaat het wel door, dan hoor je echt bij het verhaal. Hij begon helemaal te stralen en hij heeft meteen ja gezegd.
Het resultaat is waanzinnig. Het is een drieluik: the past, the present and the future. Het heeft onze stoutste droom zo overtroffen waar deze jongen mee aan is gekomen.
[JAIMY] Wij krijgen het meestal met zijn tweeën binnen en dan is het of ik zie het als eerste en ik bel Walter, of het is andersom en dan gaan we tegen elkaar van “Oh, mijn god, kijk nou wat hij gemaakt heeft? Ik zoom even in, wat een details. Wat is deze jongen getalenteerd en ik kan niet wachten dat mensen dit gaan zien.”
Wij zien het natuurlijk eerder en ik stel me dan zo voor hoe dadelijk de hele stad weer een soort van zijn stuk is.
Hadden jullie nog bepaalde invloed of aanwijzingen of was het totaal carte blanche?
[WALTER] Nee, nee, nee. Ik heb gevraagd of hij een drieluik wilde maken: één paneel past, één paneel present Roadburn, één paneel future Roadburn. Daarin heeft hij verder de vrije hand gehad, met deze drie panelen als uitkomst. Als je de eerste bekijkt, dan zie je in die wereld met al die zonnen het tweede en derde paneel in de verte al aankomen. Het staat er letterlijk in, dat is zo bijzonder gedaan.
Deze man heeft een heel bijzondere, eigen stijl en hij wilde heel graag. Douwe is een van de bekende ontwerpers van Vera Groningen, hij heeft meer dan honderd posters gemaakt. Je hebt één postermaker daar, Snorkel (Willem Kolvoort), dat is de meest bekende, maar Douwe is in zijn voetsporen getreden en is inmiddels een grote naam in de zeefdrukwereld.
Wat we niet mogen missen – volgens het team
Welke twee bands die op de komende programmering staan, verdienen wat jou betreft een extra duwtje in de rug?
[DAAN] Vorig jaar heb ik op South by South West Truck Violence gezien in een bar, zoals dat daar gaat, en één van de dagen daarna waren we een beetje buiten het centrum, toen stonden ze heel random op een tweedehands kledingmarkt buiten te spelen naast een tankstation. Echt te gek, die wil ik gewoon even tippen.
Dus jij hebt geregeld dat ze nu op Roadburn staan?
[DAAN] Ja, ik zei tegen Walter, ik heb die en die band gezien, denk er eens over na. Dan gaat Walter weer met iedereen kletsen. In mei stonden ze op een showcasefestival in Engeland en mensen uit ons cirkeltje hadden die band daar gezien en waren ook enthousiast, dus dan gaat zo’n balletje echt rollen.
[WALTER] Het was best komisch. Daan stuurde mij een filmpje op: “Walter, helemaal te gek!” Brent [Oostrum, een ander lid van het RB team] in een voicemail: “Godverdomme, je moest erbij zijn”” , Ruud Lemmen [bekende naam in het Tilburgse muziekwereldje] zei: “Als je dit niet moet…” Ik echt zo van, huh? Vervolgens spelen ze dus in Engeland. Daan stuurt weer allerlei filmpjes en ik zei, “Daan, echt, dit moeten we gewoon hebben.” Zelf kende ik de band niet, maar als er dan zoveel mensen zijn die ik artistiek en creatief en zeg maar in onze business zo hoog heb zitten met zes, zeven man onafhankelijk van elkaar op diverse plekken deze band zien en exact hetzelfde zeggen. Ja, dan weet ik gewoon, hé, ik moet niet eigenwijs zijn.
Maar jij moest nog een andere band noemen, Daan?
[DAAN] Eh ja…. Teardrinker. Band uit Rotterdam. Ook echt een heel spannende scene hebben ze daar. We hebben ze gevraagd een commissioned piece te doen naar aanleiding van het contact dat wij al een lange tijd hebben.
En is ook al bekend wat het gaat worden?
[DAAN] Nee, dat is nog een verrassing. Walter weet er meer van. Dat vind ik een heel spannende. Het is ook belangrijk dat dit soort dingen gebeuren in Nederland en we hebben het er altijd veel over gehad dat we als Roadburn ook echt die rol moeten pakken, Nederlandse bands op een voetstuk te zetten, ze dat zetje te geven. Dat betekent heel veel voor artiesten in Nederland.
Erik-Jan, wat zijn voor jou de bands waar jij vooraan staat te stuiteren?
[ERIK-JAN] Ik ga sowieso allebei de sets van Cult of Luna meepakken. Ik heb ze meerdere malen gezien en shows van ze gedaan als geluidstechnicus, ook op andere edities van Roadburn. Altijd indrukwekkend, dus die ga ik zeker niet missen.
Los daarvan, ik vind dat heel moeilijk. Wat ik altijd het gaafste vind van Roadburn is me laten verrassen. Ik ken ook heel veel niet van wat er staat.
O ja? Het is voor mij vaak ook driekwart onbekend.
[ERIK-JAN] Voor mij misschien nog wel meer, Ik vind het het gaafste om gewoon de zaal binnen te lopen waar iets staat te spelen en dat je denkt, fuck, dit is vet. Ja, je mag voor mij ook gewoon verrassing één en twee opschrijven.
Walter, heb jij nog voorkeuren of ga je je heel diplomatiek stil houden?
[WALTER] Ik vind het heel moeilijk. De terugkeer van Ufomammut op Roadburn is er eentje.
Het viel mij op dat zij terug zijn, want het is al een paar keer gezegd dat Roadburn anno nu niet meer is zoals Roadburn vroeger, maar Ufomammut is typisch zo’n band uit de begintijd.
[WALTER] Ja, ik doe dit natuurlijk al lang. Ik word in mei 61, dus dan ga je toch ook eens een beetje terugkijken op dingen. Het verhaal met Ufomammut gaat terug naar toen Jurgen en ik Roadburn startten in augustus 1998. De website ging online en een week later kreeg ik een envelop vanuit Italië met een CDR erin. Van een Italiaans trio, met een briefje “Ik ben Urlo en ik speel in Ufomammut. Dit is onze demo” en daar moest ik heel erg aan denken.
Ik vond alleen het artistieke haakje niet goed voor een terugkeer van Ufomammut, dus ik ben gaan bellen. Ik had ze al een tijdje niet meer gesproken. Ik heb Urlo en Poia gebeld en heb ze letterlijk gevraagd: “Stel dat jullie mogen terugkeren op Roadburn, met een grandiose return op de Main stage. Wat ga je dan doen? Mag ik jullie artistiek en creatief uitdagen?” Het eerste wat ze zeiden was: “Als wij terugkomen en wij gaan gewoon een set spelen met van elk album een nummer of we doen een retrospectief van elk album, dan weet ik niet of dat een grandioze terugkeer is.” Toen zei ik: “Denk hier eens over na.”
Het resultaat is dat zij Ufomammut gaan projecteren “In de toekomst”. Zij gaan dus een hele herinterpretatie doen, een reimagining van hun materiaal. Dit wordt geen standaard Ufomammut, het wordt geen standaard set maar ook geen commissioned werk. Ze willen Past en Present Ufomammut presenteren in een futuristic sausje.
Dat past helemaal bij je drieluik! Daar is goed over nagedacht.
[WALTER] Ja en daarbij, ik sluit me aan bij Daan, de tweede die ik naar voren wil schuiven is het Commissioned Piece van Teardrinker, ‘I hope this hurts’.
Kim Hoorweg heeft als non-binair persoon een belangrijk verhaal te vertellen. Toen ik met Daan in Roadburn ging samenwerken heeft hij voorgesteld: Wat als we elk jaar een Nederlandse band een wat kleinere commissie opdracht geven en dat heb ik ter harte genomen. We begonnen met Throwing Bricks / Ontaard, we hadden het al met Maalstroom gedaan en nu dus Kim Hoorweg met Teardrinker. Ik weet wat Kim gaat doen en ik ben net als Daan heel trots dat we Nederlandse muzikanten, eigenwijze Nederlandse muzikanten, in de underground als mens, als kunstenaar en als muzikant kunnen laten groeien.
Misschien was het voorspelbaar, maar eigenlijk had ik verwacht dat je Acid Mothers Temple zou zeggen.
[WALTER] Het zat in mijn hoofd, maar die is inderdaad te voorspelbaar. Het is natuurlijk een zeer invloedrijke psychedelische band.
Ze zijn er nu voor het eerst of vergissen we ons daarin?
[WALTER] Nee, één keer hebben twee mensen van Acid Mothers Temple met Guru Guru als Acid Mothers Guru gespeeld, maar Acid Mothers Temple zelf heeft nooit op Roadburn gestaan. Het is er nooit van gekomen, want die mensen hebben gewoon een baan en de frontman van Acid Mothers Temple kon altijd alleen maar vrij krijgen in mei en in oktober.
Ik heb hem in dB’s, toen ze daar twee jaar geleden waren, nog aangesproken. “Ik ben Walter van Roadburn”. Hij keek me een beetje meewarig aan: “Ah Roadburn ah ah”, een beetje op zijn Japans en ik dacht mislukte kans. Een tijdje later belde de boeker op: “Makoto heeft besloten om dit jaar een maand eerder vrij te nemen en hij wil op Roadburn spelen.” Toen heb ik meteen gezegd: “Artist in Residence, drie shows.”
Dat is echt een ereschuld. Ik kwam die man zo vaak tegen en iedereen denkt wat jij ook zegt, dat ze hier al eens gespeeld hebben, maar ze hebben alleen die hele weirde set in 2008 gedaan.
Twee mannen met drumstokjes die over het podium kropen achter een asbak aan of zoiets dergelijks. Het was heel bizar.
[WALTER] Dat verhaal hoor ik van iedereen.
Wat wil jij ons meegeven Jaimy?
[JAIMY] Ik wilde eigenlijk ook iets zeggen over Teardrinker, maar dat gaat niet meer. Ik kijk heel erg uit naar Róis, dat gaat heel cool worden. Ik weet nog dat jij mij afgelopen zomer die plaat stuurde en er zit ook een heel grote laag heaviness in dat stuk …
Heeft dit te maken met Lankum en OXN en al die Ierse avantfolkacts, dat jullie naast de hiphop en jazz ook nadrukkelijk de Gaelic / Keltische roots oppakken?
[JAIMY] Het is ook dat gasten van Lankum, One Leg One Eye naar je toe komen en zeggen dat dit het allerbeste is wat op dit moment in de duistere folk te vinden is.
[WALTER] Ik kreeg het te horen van een vriendin van mij uit Portugal. Die belde me op en zegt: “Walter, vinger aan de pols: Róis, een jongedame waar heel veel om te doen is in Ierland”. Ik ben het gaan luisteren, heb het naar Jaimy en Daan gestuurd.
En Daan, jij kreeg het op een gegeven moment aangeboden en we hebben meteen ja gezegd. Wat later kwam ik Ian van Lankum tegen bij Le Guess Who en die wist dat ze speelde en die pakte mij echt zo vast en zegt “Jongen, jullie hebben in Nederland geen fucking idee wat deze vrouw betekent in Ierland”. Ik zeg “Wat bedoel je?”
“Zij is het meest pure talent wat wij hebben op folk. Al die grote mannen, al die oude mannen hier, die grote helden, iedereen heeft het erover: zij is the Real Deal”. Het heeft ermee te maken dat zij folk maakt die vooral gespeeld wordt bij begrafenissen en Ian legde uit dat zij muziek maakt die bedoeld is om de stoïcijnse Ieren die op een begrafenis staan en hun verdriet niet kunnen tonen, aan het huilen te krijgen. Dat is een bepaald soort folk die heel omstreden is in Ierland. Het wordt door de katholieke kerk gezien als duivelse muziek.
[JAIMY] Toen won ze de Ierse muziek award en zagen we haar met die sluier voor haar gezicht. Ik ben daar echt een sucker voor, dat totaalplaatje. Ik probeer altijd de shows eruit te pikken die ik in zijn volledigheid ga zien, want ik kan hier een kwartiertje zien, daar 25 minuten, maar deze ga ik volledig kijken, 100% zeker.
Verder, even denken. Ik denk dan wel Blawan. Omdat het iets nieuws is. We hebben in het verleden ook Boy Harsher gehad, maar dit is echt iets wat Roadburn nog nooit gedaan heeft. Ik ben heel benieuwd hoe die show gaat worden.
Ik voel me zo onvoorbereid eigenlijk, heel veel van die namen zeggen me helemaal niks. Misschien is dat ook alleen maar een mooie aanleiding om de horizon weer te verbreden.
[JAIMY] Ik kijk daar zelf heel erg naar uit. Ik kan er nog wel tien noemen waar ik zin in heb. Maar om er een paar te noemen: Agriculture. Fantastische plaat, mijn favoriete plaat van vorig jaar. Oathbreaker. De eerste keer dat die hier speelden was volgens mij de eerste keer dat ik voor Roadburn iets heb gedaan. Het was het eerste jaar dat ik hier werkte? 2017, uit mijn hoofd? Het eerste jaar, en toen heb ik dat hier gezien. Het was fucking cool. Dus dat vind ik ook wel heel bijzonder om dadelijk nog een keer te zien.
Het is gewoon allemaal vet jongens.
Foto credits: David Fitt
We hadden nog uren door kunnen praten, maar we waren al dik over de gereserveerde tijd gegaan, er wachtten andere meetings zoals dat dan gaat. Dus met de persoonlijke tips kwam er een eind aan het gesprek. We bedankten de mannen van Roadburn voor hun openheid en zien ze ongetwijfeld in april terug.
Uiteraard vonden we dat we na al deze aanbevelingen niet achter konden blijven, daarom als toetje heel kort onze twee tips voor Roadburn 2026.
[JAN-SIMON]
Dat uit Göteborg bijzondere bands komen, dat weten we sinds de door de betreurde Tomas Lindberg gecureerde editie van 2019. Fauna (GBG) is een band die daar had kunnen staan. Psychedelische dansbare krautrock met een oosters sausje. Ja echt.
Pigs Pigs Pigs Pigs Pigs Pigs Pigs (Pigs x 7) is zo’n band waarvan je je afvraagt waarom ze nu pas op Roadburn staan. Ze blijken al een jaar of tien als bezoekers rond te lopen, maar stonden nog niet eerder als band op het podium. Hoogste tijd dus.
[BAS]
Mijn eerste nominatie: Lili Refrain
Lili maakt prachtig gelaagde, hypnotiserend tribale darkwave. De single ‘Nagal’ van het nieuwe album is zelfs nog even sterker dan het oudere werk dat vooral live tot zinderende expressie kwam. En luister eens naar die metäl as fvck-gitaarriff die komt invallen op 4’28”: pure bliss! 💛
I love Lili. En ze heeft mijn liefde hier niet bedrogen. Ik zag laatst de naam van een nieuw subgenre opdoemen: Psichedelia occulta italiana. Nou, daar is geen speld tussen te krijgen. Je zou bijna zweren dat ze deze term speciaal voor Lili hebben verzonnen.
Tweede tip: Maruja: ik heb de band begin dit jaar veel te laat leren kennen dankzij een muziekspelletje. De explosieve jazzpunkhop-postrock was veel te extreem voor menigeen, maar voor mij was het de revelatie van het jaar bij dat spel. Luister alleen maar naar het geweldige saxofoongeweld in het overdonderende epos Look Down On Us: je zal hun optreden op Roadburn in het blokkenschema met een dieprode marker onder- en volstrepen.
Social media







