Lords of Metal
Arrow Lords of Metal

Zeeltje Rock, Deest. 15 augustus 2026 

“Er wordt knallend geopend met ‘Let’s Go’ en de stemming zit er direct goed in; knikkende koppies en vuisten in de lucht bij het publiek”

Het is weer zover; de zomervakantie is bijna afgelopen, maar dan is er nog het bijzonder fijne uitje naar Zeeltje Rock! Na het uitvallen van Phil Campbell And the Bastard Sons, heeft ook Zac Schulze op het laatste moment moeten afhaken, maar toch is Zeeltje er weer in geslaagd een mooi programma samen te stellen; we hebben er zin in! 

Iets voor vieren kom ik aan bij het terrein. De laatste tonen van Sick Pistons krijg ik nog net mee, maar de stonerrockers van MudoZer (waar ik erg benieuwd naar was) en After Taste heb ik gemist. Eerder deze middag is er al een telefoontje geweest of ik mijn aangevraagde interview met Vardis ook voor de show wil doen, maar door verplichtingen elders, kan ik op zijn vroegst net op tijd voor aanvang van het optreden van deze jeugdhelden, op Zeeltje aanwezig zijn. Hopelijk willen ze het interview ook naderhand doen. Eerst het optreden zelf; de tent loopt aardig vol en het is gezellig druk (voor dit vroege tijdstip); geen gedrang, maar ook geen heel grote lege plekken. Enig overgebleven origineel bandlid Steve Zodiac heeft er zin in! De man die zo’n stortvloed aan heerlijk schelle boventoontjes in zijn gepassioneerde, expressieve solo’s tevoorschijn tovert, op zijn onafscheidelijke Telecaster; en ja, hij kan het duidelijk nog steeds!

Steve wordt al enige jaren bijgestaan door Joe Clancy op drums en Roly Bailey op bas, en ondanks dat de band al een hele tijd niet meer live gespeeld heeft, is er duidelijk chemie tussen deze mannen die als een geoliede machine heel veel ruimte vinden voor schitterende freewheel-passages. Er wordt knallend geopend met ‘Let’s Go’ en de stemming zit er direct goed in; knikkende koppies en vuisten in de lucht bij het publiek, terwijl vooral Bailey een enorm spelplezier tentoonspreidt en de pretoogjes van de meester zelf ook tot ver in het publiek te ontwaren zijn. De zweetdruppels parelen al snel op de kale bol van de heer Zodiac, die zich naar eigen zeggen weer achttien voelt en de lange manen van destijds in zijn beleving weer wild kan laten zwaaien.

Clancy zet een strakke basis neer (met enkele verbazingwekkend lekkere fills tussen zijn uitermate strakke en dienstbare spel), Bailey varieert passend tussen loopjes over hele hals, met de vingers, en puntig plectrum-spel. Zodiac kan zich heerlijk laten gaan in zijn solo’s en is verbazingwekkend goed bij stem. Met een mooie dwarsdoorsnede uit het repertoire, waaronder ook ‘Paranoia Strikes’, ‘Jolly Roger’ en de donkere titeltrack van het laatste studio album ‘Red Eye’, ten gehore worden gebracht. Ook een glamrocker als ‘Dirty Money’, ‘Too Many People’, ‘Radio Rockers’ of de lompe blues van ‘Loser’; de band gaat er helemaal voor en het publiek smult er van. Als afsluiter is ‘When I was King’, de single waarmee het allemaal ooit begon, natuurlijk een waardig afscheid; dit was voor ondergetekende een uitermate memorabele terugkeer van een band uit zijn jeugd. 

Na dit geweldige begin voor mij, is als volgende band het Spaanse gezelschap Hard Buds aan de beurt op het buitenpodium. Tijdens mijn interview met Nick, één van de organisatoren van dit festival, was al naar voren gekomen dat het een wens is geweest om Airbourne naar Zeeltje te krijgen. Aangezien deze band ruim boven het budget van dit sympathieke festival gaat, is aanstormend talent Hard Buds een heel verdedigbare keuze; komt best een beetje in de buurt. De zanger/gitarist is een ware entertainer, met zijn schorre stem, aardig in de richting van AC/DC, probeert echt het publiek mee te krijgen. Dit lukt ook heel aardig; de voorste regionen voor het podium vertoont behoorlijk veel beweging en headbangende haardossen. De band klinkt strak, de gitaren leggen lekkere, pakkende riffs neer en zo nu en dan giert er echt een fijne lick of solo langs. Net als ik er een beetje in begin te komen, gaat de telefoon; als ik mijn interview met Vardis wil doen, moet ik NU naar de backstage. Jammer dat ik de rest van Hard Buds moet missen, maar dat heb ik graag over voor een persoonlijk gesprekje met Vardis.   

De mannen van Vardis hebben de tijd voor me genomen (bijna veertig minuten); de eerste paar nummers van Grand Slam heb ik gemist. Deze band is ooit opgericht door gitarist Laurence Archer samen met de iconische Phil Lynott in zijn laatste jaren. Een paar jaar geleden heeft Archer de band opnieuw opgestart. Ditmaal met Mike Dyer op zang, Benjy Reid op drums en Rocky Newton op bas; allemaal zeer gerenommeerde muzikanten, die hun sporen wel verdient hebben en garant staan voor een stukje kwaliteit. Dat blijkt ook wel bij de kundige uitvoering van deze toch wel heel erg door Thin Lizzy geïnspireerde nummers. Zelfs de vocalen van Dyer komen behoorlijk dicht in de buurt van die bijzondere stem van Phil Lynott.

De podiumpresentatie is dik in orde, al is de spelvreugde niet bij iedereen direct in te schatten; de gelaatsuitdrukkingen zijn bij Archer niet te zien door zijn pet en zonnebril en ook Newton kijkt zo nu en dan wat stuurs. Uit het bevlogen spel van beide mannen mag echter wel worden afgeleid dat ze het naar hun zin hebben. Zanger Dyer en drummer Reid verspreiden echter een meer dan dubbele portie enthousiasme en heerlijke expressie; vooral Dyer gooit al zijn passie in zowel zijn vocalen als in zijn lichaamstaal. Een mooie set, met een kleine persoonlijke kanttekening bij de uitvoering van ‘Military Man’; met de solo van mijn held Gary Moore in het achterhoofd, was dit zo nu en dan wel schuilen in richtingloze notensalvo’s. Archer is een begenadigd gitarist, die bij bijna alle nummers behoorlijk indruk kon maken, maar dit was hem net niet, wat mij betreft. Natuurlijk moet ook ‘Whiskey In The Jar’ gespeeld worden, zodat het feestje helemaal compleet is, en de tent toch echt een beetje op zijn kop staat.

De achterwand van het buitenpodium is volgebouwd met Marshall stacks. Ik moet even denken aan Kiss; dit is vast een showelement. En ja, Jurassic Park is een stel lolbroeken die heel aardig muziek kunnen maken. De drummer en de bassist zetten een solide basis neer, waarbij vooral de bassist met zijn continue hartverwarmende pret-hoofd voor de bonuspunten gaat. Ook zanger John Scholing is een prettige verschijning met tevens een verbazingwekkende strot. De gitarist heeft meerdere gitaren meegenomen, waarvan die doorzichtig, van plexiglas lijkende, bijna fluorescerende groene zo lelijk is, dat ie mooi is. De mannen nemen zichzelf niet al te serieus (“Dit zijn wij niet gewend hoor, dit is groot voor ons! Gewoonlijk spelen we ook voor tien man.”), en deze bescheiden houding in combinatie met stevige muziekjes en een dosis humor wordt wel gewaardeerd op Zeeltje. Wanneer er zelfs een eigen versie ‘Higher Ground’ gespeeld wordt, moet ik even slikken, maar de overgrote meerderheid van het publiek laat zich gelukkig lekker meevoeren. Muzikaal gewoon in orde, maar de amusementswaarde is een dikke negen!

In de tent klinkt een duister intro. Storace heeft ook een stukje passend decorwerk meegebracht om deze show extra kracht bij te zetten. Nou, show is deze band rond “the voice of Krokus” wel toevertrouwd; alle Status Quo, Kiss en vele andere “rock-poses” en maniertjes passeren de revue. Het fysieke vuurwerk ontbreekt nog, maar muzikaal schieten de vonken van het podium: deze band zet wel wat neer qua podiumpresentatie EN muziek! ‘Live And Let Live’ knalt als eerste de tent in. Een paar keer komt wel weer een soortgelijk stukje “overbruggings-muziek” in de lijn van het intro even tussen de nummers door, waarbij iedereen behalve de drummer ook het podium verlaat. Naar mijn smaak haalde dit de vaart er soms wel wat uit, maar verder was dit een optreden volgens het boekje; een band in topvorm, onderhoudende presentatie en een mooie combinatie van het nieuwere Storace materiaal en bekendere Krokus nummers.

Krokus klassiekers als ‘Hellraiser’, ‘Midnight Maniac’, en ‘To The Top’ worden allen net iets lager gepakt dan het origineel, maar Marc Storace is eigenlijk nog prima bij stem; lekker gruizig, met de randjes van die schelle heesheid in de hoogte iets afgevlakt. Ook een cover ‘American Woman’ komt nog even en passant voorbij. Hierbij komt slaggitarist Dominique Favez helemaal los, als hij het publiek mag aanjagen. De solo’s van Anna Cara, inclusief een eigen solospot, zijn indrukwekkend, maar toch wordt, ondanks dat deze jongedame een knappe verschijning is, mijn aandacht ook vaak naar haar tegenhanger, bassiste Emi Meyer getrokken; wat een aanstekelijk blije uitstraling! Beide dames ken ik niet persoonlijk, dus ik kan er helemaal naast zitten, maar terwijl Anna toch meestentijds behoorlijk serieus, ietwat hooghartig ogend, haar kundige gitaar kunsten in de volle spotlight neerzet, is Emi veelal op de achtergrond, met een grote smile, vol overgave haar bijdrages aan het leveren. Wanneer ze dan zo nu en dan ook weer eens vooraan op het podium mag komen, is die aanstekelijke spelvreugde toch echt helemaal voor iedereen te zien. Een verrassend mooie show wat mij betreft. Het paste volgens mij niet meer helemaal in tijdschema, maar na een luid “we want more” van het publiek, wordt passend afgesloten met ‘Rock ‘n’ Roll Tonight’ waarbij het publiek en de band al deinend, springend en stampend afscheid van elkaar nemen.

Heel even bijkomen kan niet; de Jesse Garwood Band staat al gas te geven op het buitenpodium. Eigenlijk keek ik erg uit naar Zac Schulze, aangezien ik die al een paar keer bij optredens in de buurt ben misgelopen, met in het achterhoofd, dat ik hem op Zeeltje toch wel zou zien. Goed, na het uitvallen van Schulze is schijnbaar gezocht naar iets wat in de buurt komt. Deze jonge honden uit Londen, die eerder voorprogramma van Schulze zijn geweest, zijn duidelijk zeer dankbaar dat ze hun heftige bluesrock hier ten gehore mogen brengen. Zanger/gitarist Jesse Garwood verkondigt dit namelijk meermaals, al moet je wel heel erg je best doen om deze verschrikkelijk snel sprekende jongeman te volgen in zijn verhaaltjes tussen de nummers door. Hoewel enkele gepassioneerde gitaar escapades van Garwood mij zeker kunnen bekoren, en ook de drums en de bas netjes ingevuld worden, kunnen de nummers als geheel na een tijdje niet optimaal de aandacht vasthouden. Ondertussen moest er ook even gegeten worden, dus deze band heb ik deels van geruime afstand gevolgd. Zo kwamen me geloof ik ook wat flarden Rose Tattoo en zelfs Hendrix tegemoet, onder het nuttigen van mijn broodje beenham.

De grote naam van vandaag is Triggerfinger. De immer zeer stijlvol uitgedoste heren heb ik reeds een paar keer mogen bekijken, maar ondanks de grote bewondering voor de kundige uitvoering van hun muziek, hebben ze me nog steeds niet een echte liefhebber kunnen maken. Mario Goosens is gewoon een beest (niet voor niets dat Cesar Zuiderwijk zo graag met hem werkt; dat Sloper optreden hier een paar jaar geleden was ook geweldig!), en qua bas wordt hier een zeer solide basis neergelegd waar gitarist/zanger/stijlicoon Ruben Block zijn hele trukendoos overheen kan gieten. Het is denk ik gewoon de muziek die net niet mijn kopje thee is. De algehele presentatie inclusief de lichtshow is overigens weer dik in orde; zelfs de kille kleurkeuzes, ritmiek en algehele sfeer passen toch echt bij deze muziek. Geen zwaaiende haardossen of vuisten in de lucht, maar er wordt echt gedanst. Ik zie zelfs van die ouwerwetse rockers met spijkerjasjes zonder mouwen, vol met opnaai-emblemen, instemmend mee-knikken of zelfs dansen (misschien is het ook al laat en genoeg alcohol genuttigd). Tja, Zeeltje is en blijft gewoon een top feestje! De muziek en de sfeer maakten dit weer een zeer geslaagde editie. Na een half uurtje Triggerfinger ben ik (wederom) overtuigd dat ik de muziek nog steeds knap qua uitvoering vindt, maar toch geen fan zal worden.

Het is nog steeds erg gezellig op het terrein, dus de neiging om nog even rond te hangen tot Up The Irons komt, is groot. Het is echter een lange dag geweest en de koek is ook wel zo’n beetje op; tijd om naar huis te gaan. Bij de uitgang zie ik de aankondiging voor volgend jaar. Zeeltje is wel zo’n beetje vaste prik, maar dit wordt een verplicht nummer; wat een line-up! Zeeltje, volgend jaar ben ik er heel graag weer bij!