Eldur – Rituals Of Death And Necromancy
ATMF
Release datum: 24 oktober 2025
“Wanneer dit debuutalbum een chronologische weergave is van de evolutie van Eldur, dan belooft dit nog spannend te worden in de toekomst”
Vera Matthijssens I 6 januari 2026
Na een single, een split met Heljarmadr en de EP ‘The Dark Mountains’ is Eldur rijp voor een eerste volwaardig album. Eigenlijk is de volledige titel van dat debuutalbum ‘Proscribed Chronicles Of Niðavellir: Rituals Of Death And Necromancy’, maar dat is een hele mond vol. Wat heeft onze interesse gewekt? Het betreft hier een (volgend) muzikaal vehikel van de IJslandse muzikant Einar Thorberg Guðmundsson die we eerder al aantroffen in Thule (1995-1997), Potentiam (vanaf 1997), Fortið (sinds 2002) en Katla (vanaf 2015 met ex-Sólstafir drummer Guðmundur). Geen wonder dat we dus benieuwd waren naar Eldur.
Met deze muzikale constellatie staat woeste black metal centraal, maar het zal niemand verbazen dat Einar er toch weer een eigenzinnige draai aan geeft. Duistere doom elementen zijn ook te vinden in de acht vrij lange songs, zelfs een beetje postrock. ‘Exiled’ en ‘Flight Of Niðhöggr’ zijn snel van snit, maar er zijn dramatische keyboards (veelal synths) aanwezig. De gure wind bepaalt de sfeer in dat tweede nummer, het wordt zelfs even weemoedig en symfonisch, maar het muzikale landschap is toch vooral woest en onbehouwen. ‘Shapeshifter’ doet zijn naam eer aan, want het begint wat trager. Tussen verkondigende black metal screams weeft Eldur patronen die complex en ongebruikelijk zijn. Dat geeft het geheel een avontuurlijke progressiviteit die nader onderzoek vergt en meerdere luisterbeurten. Eldur kiest hiermee niet de gemakkelijkste weg, maar wanneer je openstaat voor de bijna avant-gardebenadering van ‘Shapeshifter’ of de synthesizers op de achtergrond, dan leren we dat black metal niet puriteins hoeft te zijn. Het merendeel van de songs kent echter wel een flinke vaart en de indruk blijft heel intens. Chaos en harmonie wisselen elkaar af als het ware. Dit is geen hersenloze chaos, want de woestheid van het (muzikale) landschap wordt op smaak gebracht met harmonieuze schoonheid. Net zoals de machtige natuur in Eldur’s thuisland. Wie aandachtig luistert wordt beloofd. Bijvoorbeeld met een proggy gitaarsolo en piano op het einde van ‘The Dark Mountains’ of met een rustige passage met synths en bas, gevolgd door een mooie gitaarsolo in afsluiter ‘Undead’. Wanneer dit debuutalbum een chronologische weergave is van de evolutie van Eldur, dan belooft dit nog spannend te worden in de toekomst.



